Hoofdtekst
De pa van mijn stiefmoeder had dat uitgemaakt. Jo zijn veulen liep van den andere kant de beek. De mens (de pa) staat op en pak 't veulen met de onderste lip en er zei: 'Hoi op (ga weg), in Gods naam' en dat kos 't nie verdragen en toen was 't vurt (weg). Dat was ene wèrewolf.
Onderwerp
SINSAG 0804 - Werwolf nimmt viele Gestalten an.   
Beschrijving
Een man pakte een ronddolend veulen bij de onderlip en zei: "Ga weg, in Gods naam!". Het veulen liep onmiddellijk weg. Het was een weerwolf.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (bilzen)
514
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hoelbeek   
