Hoofdtekst
16: Maar je hebt patertje Smet gehad, die ze nog genoemd hebben, van Ieper, patertje Smet. Ik weet niet, heb je nog nooit gehoord van hem? Als je tegen oude mensen spreekt, die kennen hem. Dat was één van de grootste specialisten daarin, in het aflezen, om dingen af te lezen.X: Ja? Was dat Desmet?16: ‘Patertje Desmet’ zeiden ze. Eh, welke paters waren dat, in de Stuerstraat (in Ieper) daar? Bruine paters of welke waren dat weer?Y: Bruine?16: Wat?Y: Bruine.16: Bruine? Wel, hij was van die orde, uit Ieper. ‘Patertje Desmet’ zeiden ze. Dat was al wat ze zeiden: ‘patertje Smet’. Dat was geen al te grote, geloof ik. ‘Patertje Smet’ zeiden ze. (onverstaanbaar) af te lezen.
Beschrijving
Sommige paters konden mensen genezen door hen te overlezen.
Bron
M. Sohier, Leuven, 1982
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (poperinge)
16V
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Poperinge   
