Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

RCALL0175_0176_13440 - Priester gaat boerderij belezen te Sint-Baafs-Vijve

Een sage (mondeling), 1968

Hoofdtekst

In Vijve weunden er overtijd drie jonge dochters met hundre moedre ip een boerhoveke. Het spookte er, de koeien loagen doeod en er was oltijd entwodde. Ip nen zundagoavend, rond den negenen, zoagen wij ze loeopen al roepend noa den paster. Ze zei ertegen dat ze ip ’t hof zoaten met twee peerden met een belle an, en dat ze met de djakke (groote zweep met korten steel, anders ook Klakke en Klasoor geheeten: Westvl. Id. pg. 237) klakten. Als de paster ip het hof kwam hoeorden ze nieten meer. Je belas het hof en toeoveren an de sterfte was gedoan.

Beschrijving

Op een boerderij in Sint-Baafs-Vijve lagen de koeien altijd dood. Omdat op de boerderij altijd vreemde dingen gebeurden, ging de boerin op een zondagochtend te rade bij de pastoor. De boerin vertelde de geestelijke dat er twee paarden met een bel op de boerderij zaten en dat ze het klappen van een zweep hoorde. Toen de pastoor op de boerderij kwam, was er echter niets meer te horen.

Bron

R. Callens, Leuven, 1968

Commentaar

west-vlaams (tielt en izegem)
387
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Sint-Baafs-Vijve    Sint-Baafs-Vijve   

Plaats van Handelen

Sint-Baafs-Vijve    Sint-Baafs-Vijve