Hoofdtekst
De moeder van "Peer van Liesbeth" was een dochter van een "halfer" (deelboer), die in 't "Zand" woonde, thans een straatnaam in Montfort.
Op een Zondagmorgen ging zij met een mand, om vis te verschalken door de mand omgekeerd in het water te drukken net boven een vis. Ze dacht: "Eer de hoogmis uit is, heb ik er toch wel één gevangen". Plotseling zag zij een vis, drukte snel de mand er overheen en de vis begon te spreken; het was een verwijt dat zij de Zondag niet heiligde.
Op een Zondagmorgen ging zij met een mand, om vis te verschalken door de mand omgekeerd in het water te drukken net boven een vis. Ze dacht: "Eer de hoogmis uit is, heb ik er toch wel één gevangen". Plotseling zag zij een vis, drukte snel de mand er overheen en de vis begon te spreken; het was een verwijt dat zij de Zondag niet heiligde.
Beschrijving
Sprekende vis verwijt visser de zondag niet te heiligen.
Bron
Collectie Linssen, verslag 12, verhaal 8 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
Peer van Liesbeth   
Zand   
Naam Locatie in Tekst
Montfort   
Plaats van Handelen
Montfort   
