Hoofdtekst
Heks: De "zoere" kwam 's avonds laat uit de herberg en liep door de Hertestraat te Linne. Plotseling zag hij in de donkerte twee gloeiende ogen die hem aanstaarden. Ze bleven op hem gericht, tot hij thuis kwam. Hij riep zijn vrouw, die al te bed lag, maar toen zij buiten kwam waren de vurige ogen verdwenen.
Was het Leen van de Feus geweest, die als heks bekend stond?
Het volgende werd ook aan haar toegeschreven.
Twee zusjes van vertelster waren in Linne naar de kerk geweest, om naar het kerstkindje te kijken.
Naar huis terugkerend werden ze aangehouden door een oude tante; men vermoedde dat het Leen was geweest. De kinderen kregen een hevige jeuk op 't hoofd, toen ze thuis waren. Ze werden "nagekeken" en het bleek dat ze zeven dikke hoofdluizen hadden. Men ging te rade bij "Geurtru". Deze gaf de volgende raad. Men moest de luizen in een papiertje doen, er mee naar een kruispunt van wegen gaan en ze dan over het hoofd gooien.
Men zou dan voorgoed van het ongedierte verlost zijn.
Wanneer in de familie van vertelster een kind gedoopt moest worden, en men moest het huis van Leen passeren, moest men de volgende voorzorgsmaatregel nemen tegen haar kwade invloed. De draagster van het doopkind moest de doopdoek goed om de pasgeborene slaan, zodat Leen geen invloed kon uitoefenen op het kind.
Was het Leen van de Feus geweest, die als heks bekend stond?
Het volgende werd ook aan haar toegeschreven.
Twee zusjes van vertelster waren in Linne naar de kerk geweest, om naar het kerstkindje te kijken.
Naar huis terugkerend werden ze aangehouden door een oude tante; men vermoedde dat het Leen was geweest. De kinderen kregen een hevige jeuk op 't hoofd, toen ze thuis waren. Ze werden "nagekeken" en het bleek dat ze zeven dikke hoofdluizen hadden. Men ging te rade bij "Geurtru". Deze gaf de volgende raad. Men moest de luizen in een papiertje doen, er mee naar een kruispunt van wegen gaan en ze dan over het hoofd gooien.
Men zou dan voorgoed van het ongedierte verlost zijn.
Wanneer in de familie van vertelster een kind gedoopt moest worden, en men moest het huis van Leen passeren, moest men de volgende voorzorgsmaatregel nemen tegen haar kwade invloed. De draagster van het doopkind moest de doopdoek goed om de pasgeborene slaan, zodat Leen geen invloed kon uitoefenen op het kind.
Onderwerp
SINSAG 0582 - Hexe schickt Läuse, Flühe, Mäuse.
  
TM 3117 - De kwade hand (het boze oog)   
Beschrijving
Vrouw wordt als heks beschouwd; heks bezorgt na aanraken luizen, manier om van de luizen af te komen; afweer van invloed van heks bij doop kind.
Bron
Collectie Linssen, verslag 91, verhaal 1 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
Leen van de Feus   
Hertestraat   
Geurtru   
Naam Locatie in Tekst
Linne   
Plaats van Handelen
Linne   
