Hoofdtekst
Khomeiny gaat dood en komt in de hemel. Hij wil in het hiernamaals zo graag Mohammed ontmoeten. Voor hem heeft hij zich immers zijn gehele leven ingezet. De eerste, die hij tegenkomt, is Jezus. 'Dag, Jezus,' zegt hij, 'hoe gaat het? Zeg, waar is Mohammed?' Jezus vraagt: 'Wil je thee?' Khomeiny lust geen thee. Jezus haalt de schouders op en loopt door. De volgende die Khomeiny tegenkomt, is Boeddha. Khomeiny vraagt weer naar Mohammed. 'Wil je thee?' vraagt Boeddha hem. Nee, Khomeiny wil geen thee. Hun wegen scheiden. Khomeiny komt dan de hindoe-god Krishna tegen. Weer vraagt hij naar Mohammed. Krishna's wedervraag: 'Wil je thee?' Khomeiny denkt: 'Verdorie, je krijgt hier pas antwoord als je eerst thee drinkt. Het zal wel een of andere gastvrijheidscode zijn. Vooruit dan maar.' Hij zegt tegen Krishna: 'Ja, ik wil thee.' Krishna knipt daarop met de vingers en roept: 'Mohammed, één thee!'
Beschrijving
Khomeiny sterft, komt in de hemel, wil Mohammed ontmoeten, komt Jezus tegen, vraagt naar Mohammed, waarop Jezus vraagt: "Wil je thee?" Hetzelfde bij Boeddha en Krishna en hij denkt dat het een of andere gastvrijheidscode is, wil thee, waarop Krishna roept: "Mohammed, één thee!"
Bron
Adjiedj Bakas & Hetty van Wolde: Gluren bij de buren. Humor en diversiteit. Lelystad 1997, p.86-87
Commentaar
1997
Naam Overig in Tekst
Khomeiny   
Mohammed   
Jezus   
Boeddha   
Naam Locatie in Tekst
Krishna   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
