Hoofdtekst
De slangekoning is een slang met een kroontje op de kop.
Der was hier een man die heette Stoffel. Die was hier eens in 't heideveld. Doe sag hy die slangekoning. Die het hij doodgedaan.
Toen het die koning in syn doodsstrijd gefluit.
Doe waren 't allemoal slangen, duzenden. Die kwamen op Stoffel af.
Doe het Stoffel de jas útsmeten en hij is fuotloopn.
De jas was in moster loater. Moar Stoffel was gered.
Der was hier een man die heette Stoffel. Die was hier eens in 't heideveld. Doe sag hy die slangekoning. Die het hij doodgedaan.
Toen het die koning in syn doodsstrijd gefluit.
Doe waren 't allemoal slangen, duzenden. Die kwamen op Stoffel af.
Doe het Stoffel de jas útsmeten en hij is fuotloopn.
De jas was in moster loater. Moar Stoffel was gered.
Onderwerp
SINSAG 1351 - Die Krone des Schlangenkönigs.   
Beschrijving
Een man doodt een slangenkoning. De slangenkoning waarschuwt in zijn doodsstrijd door te fluiten duizenden andere slangen. De man weet wonder boven wonder te ontkomen.
Bron
Collectie Jaarsma, verslag 462, verhaal 23 (archief Meertens Instituut)
Commentaar
10 juli 1968
Die Krone des Schlangenkönigs.
Naam Overig in Tekst
Stoffel   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
