Hoofdtekst
Yets diergelijcks.
De Poët Ballay seyt: wie sich ten hoof wil houden; en in der Vorsten gunst wil geraken, die moet een tijdt langh blindt, stom, en doof zijn.
De Poët Ballay seyt: wie sich ten hoof wil houden; en in der Vorsten gunst wil geraken, die moet een tijdt langh blindt, stom, en doof zijn.
Beschrijving
Ballay: Wie in de gunst van de koning wil komen, moet lange tijd doof, stom en blind zijn.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Naam Locatie in Tekst
Ballay   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
