Hoofdtekst
Aerdighe klucht van twee Nieuw-Getrouwde.
Het is tot Leyden gebeurt dat een seeker Wedenaer, vryende na een Weduwe, die groot van middelen was; Hy daer en teghen van een kleyne staet, en min van goedt: Doch sy hem wel ghesint hebbende, dewijl hy een fraey Manspersoon was, ging het Houwelick met hem aen, maer midts conditie dat elck by sijn goedt soude blijven, alwaer een Houwelijcks-contract van ghemaeckt wierdt: en by malkander gekomen zijnde, sliepen sy by malkander, als Man en Wijf behooren te doen; maer hy liet haer dien nacht stille leggen, sonder haer eens een vriendtschap te bewijsen: Sy een Weduwe wesende, en by haer eerste Mans tijdt wat anders ghewendt was, seyde: Lieve Man, wat is dat ghedaen, ghy hebt immers voor desen ghetrouwt gheweest, en hebt Kinders by u Vrouwe ghehadt, ghy kunt wel dencken dat ick oock van vlees en bloedt ben als andere menschen. Hy haer datelick antwoordt gaf, en seyde: dat weet ick wel, maer [p. 155] wy hebben in onse Houwelicks-contract beslooten, dat elck by sijn Goederen soude blijven, daerom en wilde ick niet gaerne de eerste wesen, die het selve breken soude: Sy seyde, wy hebben die conditien te samen ghemaeckt, die konnen wy oock breecken als wy willen; dat was dat hy sochte, en seyde, laet ons dat doen. Sy ontboodt des anderen daeghs een Notaris, die haer nieuwe Houwelicks conditien maeckte, te weten, gemeenschap van goederen, en doen quamen sy beyde tot haer voor nemen.
Het is tot Leyden gebeurt dat een seeker Wedenaer, vryende na een Weduwe, die groot van middelen was; Hy daer en teghen van een kleyne staet, en min van goedt: Doch sy hem wel ghesint hebbende, dewijl hy een fraey Manspersoon was, ging het Houwelick met hem aen, maer midts conditie dat elck by sijn goedt soude blijven, alwaer een Houwelijcks-contract van ghemaeckt wierdt: en by malkander gekomen zijnde, sliepen sy by malkander, als Man en Wijf behooren te doen; maer hy liet haer dien nacht stille leggen, sonder haer eens een vriendtschap te bewijsen: Sy een Weduwe wesende, en by haer eerste Mans tijdt wat anders ghewendt was, seyde: Lieve Man, wat is dat ghedaen, ghy hebt immers voor desen ghetrouwt gheweest, en hebt Kinders by u Vrouwe ghehadt, ghy kunt wel dencken dat ick oock van vlees en bloedt ben als andere menschen. Hy haer datelick antwoordt gaf, en seyde: dat weet ick wel, maer [p. 155] wy hebben in onse Houwelicks-contract beslooten, dat elck by sijn Goederen soude blijven, daerom en wilde ick niet gaerne de eerste wesen, die het selve breken soude: Sy seyde, wy hebben die conditien te samen ghemaeckt, die konnen wy oock breecken als wy willen; dat was dat hy sochte, en seyde, laet ons dat doen. Sy ontboodt des anderen daeghs een Notaris, die haer nieuwe Houwelicks conditien maeckte, te weten, gemeenschap van goederen, en doen quamen sy beyde tot haer voor nemen.
Beschrijving
Een rijke weduwe en een iets minder bedeelde weduwnaar trouwen samen op voorwaarde dat ieder zijn eigen bezittingen houdt. De man neemt dat nogal letterlijk en wil geen seks. De volgende dag laten ze bij de notaris een nieuw contract maken; ze zijn nu getrouwd in gemeenschap van goederen.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Naam Locatie in Tekst
Leiden [Leyden]   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
