Hoofdtekst
Van een Brief die de Paus aen de Keyser schreef.
Een seecker Paus schrijvende eens aen de Keyser een Brief, hem noemende sijnen Soon, ghelijck de Pausen ghewent zijn aen Keysers en aen Koningen te doen; Soo ghebeurde het dat desen Brief gelesen worde in't by wesen van de Narre, die het selve hoorde, dat hy de Keyser sijn Soon noemde; doe seyde de Narre, dat lieght die olde Schelm mijn Heer is gheen Papen of geen Hoeren Soon, hy is van vroome Ouders gebooren.
Een seecker Paus schrijvende eens aen de Keyser een Brief, hem noemende sijnen Soon, ghelijck de Pausen ghewent zijn aen Keysers en aen Koningen te doen; Soo ghebeurde het dat desen Brief gelesen worde in't by wesen van de Narre, die het selve hoorde, dat hy de Keyser sijn Soon noemde; doe seyde de Narre, dat lieght die olde Schelm mijn Heer is gheen Papen of geen Hoeren Soon, hy is van vroome Ouders gebooren.
Beschrijving
Een paus schrijft een brief aan een keizer en noemt hem 'mijn zoon'. Een nar die aanwezig is bij het lezen van de brief zegt dat de paus liegt en zijn keizer uit vrome ouders is geboren.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22