Hoofdtekst
Er was eens een heel, heel klein oud Boobetje, die een alleboel kindertjes had; een heette Joovie, een Jaopie, een Saartje, een Jantje, een Pietje, een Ahasverusje, een Bartholemeusje, een Betje, een Zwaantje en nog een heleboel van dat goedje. Op zekeren dag ging Boobetje uit en zeide tot de kindertjes: "Kindertjes, past goed op de deur." Toen Boobetje weg was, gingen de kindertjes zich verschuilen: een onder de tafel, een onder de pot, een in de kast, een onder de kast, een in het bed, een onder het bed en op alle onmogelijke plaatsen.
's Avonds kwam Boobetje t'huis en klopte aan de deur. (met een tenorstem): "Kinnetjes, kinnetjes, maak je open." (met een pieperige stem): "We maken niet open." "Kinnetjes, kinnetjes, maak jelui open." "We maken niet open." Op eenmaal heeft Boobetje een poepie gelaten, toen sprong de deur met een vreesselijk gekraak open en kwamen de kinnetjes voor de dag! Tableau.
Een kat en een duit; het sprookje is uit!
Onderwerp
AT 0123 - The Wolf and the Kids   
ATU 0123 - The Wolf and the Kids.   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Boobetje   
Joovie   
Jaopie   
Saartje   
Jantje   
Pietje   
Ahasverusje   
Bartholemeusje   
Betje   
Zwaantje   
