Hoofdtekst
"O, stadje van Schouwen,
't Zal je berouwen,
Dat je genomen heit mine vrouwe,
Want 't stadje dat zal vergè
En geen steentje zal blûven stè.
Maar als je me geeft m'n vrouwe verom,
Dan bouwen we om 't stadje wallen rontom."
Doch de visschers konden niet besluiten om de mooie zeemeermin haar vrijheid terug te geven en 't gevolg was, dat stad en land door 't water verzwolgen werd[en] en zoolang als de visschers nu de meermin gevangen houden, blijft het verzonken, doch komt er iemand, die de meermin bevrijdt uit de handen der visschers, dan zal de stad, maar dan met wallen er om heen, en 't land weer boven water komen.
Comm. Op 't ongerijmde van een mannelijke meermin zal ik u niet behoeven te wijzen; ik geef de legende zooals ze luidt. Toch wordt de bekendheid er van met geslacht tot geslacht minder. Wat de oorsprong er eenmaal van was, is me duister. Beschrijvingen van 't eiland Schouwen zijn me onbekend. Boers vermeldt in zijn Beschrijving van Overflakkée en Goeree de door de zee verzwolgen Romeinsche plaats Witlam, doch deze schijnt op de Noordelijke ree van Goeree gelegen te hebben, terwijl de legende doet denken aan een plaats, waar thans de Kabeljauw- Zeehonden- en Paardenplaat is. Of heeft mogelijk deze legende een diepere betekenis, als symbool van 't visschersleven: een huwelijk met de zee, maar een verbintenis tevens, die hem ten dode voert. Verbreekt hij zijne verbintenis met de zee, wordt hij landsman (om de stad zouden wallen komen), dan heeft hij haar niet meer te duchten, doch geniet niet meer van hetgeen zij in haar golven verbergt.
Onderwerp
SINSAG 0031 - Die Prophezeiung des Meerweibes   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Witlam   
Kabeljauw- Zeehonden- en Paardenplaat   
Naam Locatie in Tekst
Schouwen   
Grevelingen   
Brouwershavense Gat   
Goeree   
Overflakkee   
Westenschouwen   
Westerschouwen   
