Hoofdtekst
Wy as jonkjes durfden niet bij 't huus fan in hekse langs.
Roelfs Jaantje sat altyd voor 't glas, nachts ook.
Wy moesten der wel eens langs, moar dan kwam se altyd boeten en gaf se in appel. Maar die mochten wij niet opeten. Elkeneen kreeg een paar appels tot de nacht toe. Se fertellen dat één die appels opborgen had. Daar kwamen vier hele dikke spinnen út en een levende padde.
Dat is echt gebeurd. As se die opeten had dan hadden se die beesten in de maag had en waren se beteuverd.
Roelfs Jaantje sat altyd voor 't glas, nachts ook.
Wy moesten der wel eens langs, moar dan kwam se altyd boeten en gaf se in appel. Maar die mochten wij niet opeten. Elkeneen kreeg een paar appels tot de nacht toe. Se fertellen dat één die appels opborgen had. Daar kwamen vier hele dikke spinnen út en een levende padde.
Dat is echt gebeurd. As se die opeten had dan hadden se die beesten in de maag had en waren se beteuverd.
Onderwerp
SINSAG 0586 - Von Hexe empfangene Äpfel verwandeln sich in Kröten   
Beschrijving
Roelfs Jaantje was een heks. Ze zat altijd voor het raam en als er kinderen voorbijkwamen gaf ze die een appel, maar die mocht je niet opeten. Sommige kinderen bewaarden de appels, en later bleken er spinnen uit te komen of een levende pad.
Bron
Collectie Jaarsma, verslag 1036, verhaal 10 (archief Meertens Instituut)
Commentaar
23 juni 1973
Von Hexe empfangene Äpfel verwandeln sich in Kröten
Naam Overig in Tekst
Roelfs Jaantje   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
