Hoofdtekst
DE SPIN EN DE GOUVERNEUR
Op zekere dag ging heer Spin bij zijn dorpshoofd en vroeg hem:
'Excellentie, wat is pijnlijker: een wond of een leugen?'
De antwoordde hem: 'Wel Anansi, een wond toch!'
'Waarachtig niet,' zei Spin, 'de leugen is veel erger.'
'Dat lieg je,' zei de Gouverneur.
'Bewijs me dat, of denk je me soms voor de mal te kunnen houden?'
'Je zal huilen,' zei de Spin.
Spin ging bij een apotheker, kocht een laksans, name het een dag voor de audiëntiedag in, ging omstreeks 5 uur 's ochtend in de audientiezaal en zette aldaar een flinke hoop neer, die de moeite waard was. Hij plaatste ondertussen zijn oudste zoon onder een der losse stenen in de galerij en zei hem, dat hij, als de naam van de Gouverneur werd geroepen, 'ja' moest zeggen. Om acht uur was er audiëntie; geen mens kon in de zaal blijven ten gelieve van heer Spin, die ook aanwezig was, in zwarte rok met broek.
'Wie zou dat gedaan hebben,' vroeg de Gouverneur. 'Ik moet het weten, ik zal onderzoek instellen,' zei hij.
Spin keurde dit onmiddellijk goed, 'maar het moest geschieden door een man van ondervinden.'
'Als de heren willen, zal ik mij met dat onderzoek belasten,' zei Spin.
Toen dit goedgekeurd wed, vervolgde hij: 'ik zal proberen, om op te roepen,' en daar begon hij te schreeuwen: 'afgang, afgang, wie heeft u daar neergezet?
'Is het Spin misschien?' - geen woord. 'Is het soms een officier?' - geen woord; 'de knecht?' - geen woord; een der schildwachten soms?' - geen woord; 'is het de adjudant misschien?' - geen woord; 'ook niet de vrouw van de Gouverneur?' - geen woord. Maar wie kan het dan zijn? 'Zeg toch, je hebt toch een mond' - geen woord. 'Is het soms de Gouverneur zelf, die dit gedaan heeft?' 'Ja, 't is de Gouverneur die zoiets heeft gedaan, ja, hij heeft mij hier neergelegd!'
De Gouverneur viel op de grond flauw, en na veel moeite bracht men hem weer bij. Op die dag was er geen audiëntie.
De volgende morgen ging Spin de Gouverneur en sprak tot hem 'heb ik jou niet gezegd, je gaat huilen? Maar je bent amper dood gegaan' hoe is het nu? Is de leugen niet erger dan een wond?'
De Gouverneur liet soldaten komen om Spin te pakken; maar deze was slimmer dan de soldaten, want toen ze hem wilden grijpen, ging hij in een beslagruimte en kwam nooit meer buiten.
Op zekere dag ging heer Spin bij zijn dorpshoofd en vroeg hem:
'Excellentie, wat is pijnlijker: een wond of een leugen?'
De antwoordde hem: 'Wel Anansi, een wond toch!'
'Waarachtig niet,' zei Spin, 'de leugen is veel erger.'
'Dat lieg je,' zei de Gouverneur.
'Bewijs me dat, of denk je me soms voor de mal te kunnen houden?'
'Je zal huilen,' zei de Spin.
Spin ging bij een apotheker, kocht een laksans, name het een dag voor de audiëntiedag in, ging omstreeks 5 uur 's ochtend in de audientiezaal en zette aldaar een flinke hoop neer, die de moeite waard was. Hij plaatste ondertussen zijn oudste zoon onder een der losse stenen in de galerij en zei hem, dat hij, als de naam van de Gouverneur werd geroepen, 'ja' moest zeggen. Om acht uur was er audiëntie; geen mens kon in de zaal blijven ten gelieve van heer Spin, die ook aanwezig was, in zwarte rok met broek.
'Wie zou dat gedaan hebben,' vroeg de Gouverneur. 'Ik moet het weten, ik zal onderzoek instellen,' zei hij.
Spin keurde dit onmiddellijk goed, 'maar het moest geschieden door een man van ondervinden.'
'Als de heren willen, zal ik mij met dat onderzoek belasten,' zei Spin.
Toen dit goedgekeurd wed, vervolgde hij: 'ik zal proberen, om op te roepen,' en daar begon hij te schreeuwen: 'afgang, afgang, wie heeft u daar neergezet?
'Is het Spin misschien?' - geen woord. 'Is het soms een officier?' - geen woord; 'de knecht?' - geen woord; een der schildwachten soms?' - geen woord; 'is het de adjudant misschien?' - geen woord; 'ook niet de vrouw van de Gouverneur?' - geen woord. Maar wie kan het dan zijn? 'Zeg toch, je hebt toch een mond' - geen woord. 'Is het soms de Gouverneur zelf, die dit gedaan heeft?' 'Ja, 't is de Gouverneur die zoiets heeft gedaan, ja, hij heeft mij hier neergelegd!'
De Gouverneur viel op de grond flauw, en na veel moeite bracht men hem weer bij. Op die dag was er geen audiëntie.
De volgende morgen ging Spin de Gouverneur en sprak tot hem 'heb ik jou niet gezegd, je gaat huilen? Maar je bent amper dood gegaan' hoe is het nu? Is de leugen niet erger dan een wond?'
De Gouverneur liet soldaten komen om Spin te pakken; maar deze was slimmer dan de soldaten, want toen ze hem wilden grijpen, ging hij in een beslagruimte en kwam nooit meer buiten.
Beschrijving
Heer Spin gaat naar het dorpshoofd en vraagt hem tijdens een gesprek: "Wat is pijnlijker: een wond of een leugen?" De gouverneur antwoordt dat een wond pijnlijker is, maar Spin is het hier niet mee eens. De gouverneur vraagt om bewijs en Spin stemt toe. Hij gaat vervolgens naar de apotheek voor laxeermiddel en voor de audiëntie met de gouverneur legt hij een grote hoop in de zaal en plaatst zijn zoon achter een van de losse stenen. De gouverneur is ontsteld en wil een onderzoek. Spin stelt voor dat hij dat onderzoek leidt. Hij vraagt de hoop wie het gedaan heeft en noemt verschillende namen, maar krijgt geen antwoord. Dan noemt hij de naam van de gouverneur en zijn zoon roept vanachter de stenen dat de gouverneur schuldig is aan de daad en de gouverneur valt flauw van ontsteltenis. Als Spin de volgende dag de gouverneur bezoekt vraagt hij hem nogmaals wat pijnlijker is: een wond of een leugen? Hij bekent daarmee zijn daad en de gouverneur laat soldaten komen, maar Spin verbergt zich in de beslagruimte.
Bron
Ronhaar-Rozema, Hanneke. "Enkele Anansi-tori's". Neerlands Volksleven: Anansi-tori's. nr. 1/2. 29e jrg. (1979), 288-294
Commentaar
1979
Naam Overig in Tekst
Anansi   
Gouverneur   
Naam Locatie in Tekst
Spin   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
