Hoofdtekst
Meestal zijn het — wonderlijke combinatie — de landsheeren en de dieven wier "heerelijcke en vrolijcke daeden" in den volksmond voortleven.
De ongelukkige Jacoba van Beieren, gravin van Holland en Zeeland, die zich na jaren van strijd moest onderwerpen aan Philips de Goede, huwde na haar afstand met Frank van Borsselen.
In den tuin van zijn slot Ostende te Goes — nu een bioscoop! — stond een oude moerbeiboom. Men zei dat de gravin die geplant had, en noemde ze "de boom van Jacoba".
De Vier Linden, aan den straatweg naar 's Gravenpolder, die de grens aangeven tusschen twee gemeenten en twee waterschappen, zijn ook door vrouwe Jacoba geplant.
Niet ver van daar stichtte ze het oude kerkje van Baarsdorp.
Even buiten de Noordpoort van St. Maartensdijk stond het kasteel der van Borsselens. Het slotplein is nog omringd door breede grachten. Voor 'n jaar of veertig stond er in het midden van dat erf een zeer oude linde, waarvan de stam zoover vergaan was, dat de schors met een ketting moest worden bijeen gehouden. Ook deze linde was door vrouwe Jacoba geplant.
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Jacoba van Beieren   
Philips de Goede   
Frank van Borsselen   
Naam Locatie in Tekst
Holland   
Zeeland   
Ostende   
Goes   
Baarsdorp   
's Gravenpolder   
St. Maartensdijk   
Borssele   
