Hoofdtekst
Spotsagen en Spotnamen c. De dorpen op de eilanden: Ierseke.
Ierseke was van oudsher in twee vijandige kampen verdeeld, het dorp en de zoogenaamde Ierseksche Dam.
De bewoners van het dorp waren gesierd met den eerenaam van Teelezeeker (een dialect ei = ee), terwijl die van den dam bij het vriendelijke Potschieter (ij = ie) onmiddelijk de ooren spitsten.
Mogelijk dat de oorzaak dier vijandschap daarin schuilt dat in vroeger eeuwen, ja, tot half de negentiende eeuw toe, de dam meer betrokken was bij scheepvaart en visscherij, en de dorpsbewoners hoofdzakelijk den landbouw beoefenden.
Allen tezamen dragen ze den bijnaam oesters wegens de belangrijke en wijdbekende oesterkweekerijen.
In de omgeving worden ze "herkend", omdat ze "slijk aan 't voorhoofd hebben." Niet lang geleden waren de vette kleiwegen in het slechte jaargetijde haast ondoorkoombaar; nu de poelen herschapen zijn in deugdelijk verharde wegen gaat 't gezegde niet meer op.
Dat pertinent het voorhoofd wordt genoemd, zal misschien beteekenen: beslijkt van het hoofd tot de voeten.
Daar spreekt men ook van Ierseksche wind, waarschijnlijk wegens de luchthartigheid die de schippersbevolking kenmerkt, in tegenstelling met de landbouwers.
"Klein Amerika" wordt de gemeente genoemd, omdat de bevolking veel emigranten telt, die van heinde en ver gekomen zijn, sedert de groote vlucht, die de oestercultuur heeft genomen in 't laatste kwartaal der vorige eeuw. In enkele jaren was toen de bevolking verachtvoudigd.
Dat niet alle nieuwe inwoners van 't bovenste plankje waren, spreekt vanzelf. De Ierseksche dorpsgeschiedenis getuigt er van.
Ierseke was van oudsher in twee vijandige kampen verdeeld, het dorp en de zoogenaamde Ierseksche Dam.
De bewoners van het dorp waren gesierd met den eerenaam van Teelezeeker (een dialect ei = ee), terwijl die van den dam bij het vriendelijke Potschieter (ij = ie) onmiddelijk de ooren spitsten.
Mogelijk dat de oorzaak dier vijandschap daarin schuilt dat in vroeger eeuwen, ja, tot half de negentiende eeuw toe, de dam meer betrokken was bij scheepvaart en visscherij, en de dorpsbewoners hoofdzakelijk den landbouw beoefenden.
Allen tezamen dragen ze den bijnaam oesters wegens de belangrijke en wijdbekende oesterkweekerijen.
In de omgeving worden ze "herkend", omdat ze "slijk aan 't voorhoofd hebben." Niet lang geleden waren de vette kleiwegen in het slechte jaargetijde haast ondoorkoombaar; nu de poelen herschapen zijn in deugdelijk verharde wegen gaat 't gezegde niet meer op.
Dat pertinent het voorhoofd wordt genoemd, zal misschien beteekenen: beslijkt van het hoofd tot de voeten.
Daar spreekt men ook van Ierseksche wind, waarschijnlijk wegens de luchthartigheid die de schippersbevolking kenmerkt, in tegenstelling met de landbouwers.
"Klein Amerika" wordt de gemeente genoemd, omdat de bevolking veel emigranten telt, die van heinde en ver gekomen zijn, sedert de groote vlucht, die de oestercultuur heeft genomen in 't laatste kwartaal der vorige eeuw. In enkele jaren was toen de bevolking verachtvoudigd.
Dat niet alle nieuwe inwoners van 't bovenste plankje waren, spreekt vanzelf. De Ierseksche dorpsgeschiedenis getuigt er van.
Onderwerp
TM 2602 - Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners   
Beschrijving
Enkele spotnamen en uitspraken over de bewoners van Ierseke
Bron
J.R.W. en M. Sinninghe: Zeeuwsch sagenboek. Zutphen 1933, p. 298-299
Commentaar
voor 1929
Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners
Cornelissen, Ned. Volkshumor, III, 123-146; Medegedeeld door Jozef Cornelissen, (verzamelaars L. Lockefeer en G. D. van Oosten);
Naam Overig in Tekst
Yrseke   
Potschieter   
Oester   
Teelezeeker   
Ierseksche Dam   
Naam Locatie in Tekst
Ierseke   
Yerseke   
Klein Amerika   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
