Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CBOEK351

Een sprookje (tijdschriftartikel), 1881 - 1900

Hoofdtekst

Een vrouw had een zoon in de gevangenis. Wanneer zij 2 raadsels kon opgeven en de rechters konden die niet oplossen, dan zou hij vrij zijn.
1e: Op Rudolf ga ik
Op Rudolf sta ik
Op Rudolf ben ik welgemoed
Dat ik mijn zoon van den dood verlossen moet.
Haar hondje was gestorven, het heette Rudolf. Van de huid had ze pantoffels gemaakt.
2e: Henen ging ik
Terug kwam ik
Zeven levenden uit een doode nam ik
De achtste maakte de negende vrij
Heeren, kom en zeg het mij.
Ze had een reis gemaakt en 7 jonge leeuwerikken uit het geraamte van een paard genomen, de 8e was zij zelf, de 9e haar zoon.

Onderwerp

AT 0927 - Out-riddling the Judge    AT 0927 - Out-riddling the Judge   

ATU 0927 - Out-riddling the Judge.    ATU 0927 - Out-riddling the Judge.   

Beschrijving

Een vrouw kan haar zoon uit de gevangenis bevrijden door 2 raadsels op te geven, die de rechters niet kunnen oplossen.

Bron

Collectie Boekenoogen (archief Meertens Instituut)

Commentaar

eind 19e eeuw
Out-riddling the Judge

Naam Overig in Tekst

Rudolf    Rudolf   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20