Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER0211

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

Geertruijdt, bij haer man te bedde leggende, liet een abominable scheet, soo van klanck als van reuck. Hij, niet luy, beseyckte haer van 't hoofdt tot de voeten. Sij wierdt daervan wacker. R. 'Wat duyvel is dat te seggen?' R. 'lck dacht wel dat nae soo harden windt een swaere regen soude volgen.'

Beschrijving

Geertruijdt liet toen ze met haar man in bed lag een harde onwelriekende wind. Daarop plaste haar man over haar heen. Geertruydt vroeg waarom hij dat deed. De man verklaarde dat er na zo'n harde wind wel zware regen zou volgen.

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw

Naam Overig in Tekst

Geertruijdt    Geertruijdt   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20