Hoofdtekst
De burgemeester Cornelis van Outshoorn, noch schout zijnde, hadde op een tijdt al vrij een glaesjen opgenoomen. Soo als hij over de Nieuwe Marckt quam, konde hij de rechte niet langer houden. Twee diefleyders die hij achter sich hadde, dit siende, quaemen hem soo wat van terzijden onderschraegen. De marcktkaeuwen, dit van verre siende, riepen: 'Kijck, kijck, daer brengen sij de schout gevangen.'
Beschrijving
Toen de schout een keer dronken was kwamen twee van zijn diefleiders [= dienaren van de schout] hem ondersteunen. De mensen dachten toen dat ze de schout gevangen hadden genomen.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Cornelis van Outshoorn   
Nieuwe Marckt   
Nieuwe Markt   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
