Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER0334

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

Bonaventura hadde twee neven die hij opvoede, dat allebey sulcke schoone lichtmissen wierden, dat sij met sijne vermaeningen den draeck staecken. Hij wierdt endelijck gedwongen sijn oog op het rasphuys te werpen, doch hij ging eerst bij de schout om raedt. R. 'Jawel cousin, het is wat gevaerlijck eerlijcke luyden haer kinderen in 't rasphuys te setten, en dat noch soo jong, ondergaet haer noch 2 à 3 mael met woorden, kijven, dreygen etc.' R. 'Och, sij willen nae mij niet hooren.' R. 'Wel, besoeckt het eens, wil het dan niet deugen, soo weet ick er raedt mede, want ick hael de luyden daer sij zijn en breng se daer se hooren.'

Beschrijving

Bonaventura had grote problemen met de opvoeding van zijn twee neven. Zij luisterden niet naar zijn vermaningen, en hij ging bij de schout om raad. Deze zei, dat het gevaarlijk was om kinderen van eerlijke mensen in het rasphuis te zetten. Daarom moest hij eerst nog maar eens met ze proberen te praten. Als het niet zou lukken, zou de schout wel raad met ze weten.

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw

Naam Overig in Tekst

Bonaventura    Bonaventura   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20