Hoofdtekst
Joncker Jacob van den Ende, tot Molenijser te Schevering zijnde, kreeg een stuck gesprengt voor sich, dat soo schrickelijck sout was, dat hij het onetelijck vondt, des hij er maer een kleyn snippertje af snee ende de rest ongeschonden af gaf. Als Molenijser hem in 't weggaen drie schellingen voor sijn maeltijdt rekende behalven de wijn, seijde hij: 'Ick sweer u, Molenijser, dat ghij mij op een ander tijdt uw vleysch soo niet souten en sult.'
Beschrijving
Toen een heer eens ergens te gast was, vond hij het eten veel te zout. Daarom at hij er maar heel weinig van. Toen hij wegging moest hij drie schellingen voor zijn maaltijd betalen, en zei: "Ik zweer u, Molenijser, dat u mijn vlees op een ander tijdstip niet zo zouten zult."
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Jacob van den Ende   
Molenijser   
Schevering   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
