Hoofdtekst
Als yemandt aen den heer Pieter Cornelissen Hooft, drost van Muijden, yets ongelooffelijcks vertelde, seyde hij om hetselve te bevestigen: 'Ick beken het selfs dat het wonderlijck is ende ongelooffelijck schijnt. Jae, ick selfs soude het noyt hebben kunnen gelooven, 't en waere ick het met mijn eygen oogen gesien hadde.' R. 'Houdt het mij dan oock ten besten, dat ik u niet en kan gelooven.' [in de marge: Doctor Braun aen Edoard d'Ayer].
Beschrijving
Toen iemand iets ongelofelijks aan P.C. Hooft vertelde, zei hij daarbij dat hij het zelf ook niet geloofd had, als hij het niet met eigen ogen gezien had. Antwoord: "Neem mij dan ook niet kwalijk dat ik u niet kan geloven."
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Pieter Cornelissen Hooft   
Pieter Corneliszoon Hooft   
Muijden   
Doctor Braun   
Edoard d'Ayer   
Naam Locatie in Tekst
Muiden   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
