Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KEMP356 - Het Kaïnsteken

Een sage (boek), 1925

Hoofdtekst

Het Kaïnsteken

Een ieder die bij nevelige winteravonden buiten wandelt, heeft opgemerkt hoe op zijn kleren, baard en haren witte rijp, ook rusvorst genoemd, aansloeg.
Daaromtrent wist iemand te vertellen:
Op een dergelijke nevelavond keerde mijn buurman van een nabij gelegen gehucht huiswaarts en ontmoette onderweg een oude bekende. Samen pratend over alles en nog meer, wandelden zij voort. Opmerkelijk echter vond het mijn buurman, dat hij 'berijpt' was. Zijn haren, baard en wollen kleren waren wit, als van een molenaar. De man naast hem echter bleek hiervan geen last te hebben, aan zijn kleren was tenminste niets te zien. Dat verwonderde mijn buurman; hij vroeg, hoe dat kwam. De man zuchtte nu even en sprak: 'Toen ik vroeger in Duitsland op een steenbakkerij werkte, heb ik bij een ruzie iemand vermoord. Sinds die tijd heeft nooit meer ruwvorst vat op mij gehad. En van meer ongelukkige mensen, die evenals ik een moord begingen, heb ik later hetzelfde vernomen. Eén werd zelfs door de politie als de schuldige herkend door dit Kaïnsmerk.

Beschrijving

Iedereen die bij nevelige winteravonden buitenwandelt raakt berijpt. Twee mannen wandelen op zo'n avond buiten. De een is berijpt, de ander niet. Op de vraag hoe dit komt, antwoordt de "onberijpte" man dat hij iemand heeft vermoord. En de man vertelt verder dat meer mensen, die evenals hij een moord begingen, hetzelfde overkwam.

Bron

Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925.
Herdruk: ca. 1970

Commentaar

1925 (Herdruk ca. 1970)
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Varia'.

Naam Locatie in Tekst

Duitsland    Duitsland   

Kaïn    Kaïn   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20