Hoofdtekst
Oh Allah, geef me een kanariepietje. Dat is echt zoiets zo. Dan moest iemand knielen en ‘oh, Allah geef me een kanariepietje,’ dan ging ie zo knielen (geïnterviewde heft handen omhoog alsof hij bidt) echt zo’n moslim, weet je wel. Ja, dat zou tegenwoordig nou niet meer kunnen. Op de camping een paar jaar geleden heb ik er Wodan van gemaakt.
Ah ja.
En dan iemand erbij: ‘Allah geef me een kanariepietje, geef me een kanariepietje.’ En zo voort. En op een gegeven moment: ‘Allah, ik heb om een kanariepietje gevraagd, je hebt me tien ezels gegeven!’
Ah.
Dat zijn dus recreaties, een soort toneelstukjes waarbij je mensen op het toneel vraagt die dan een beetje voor de gek worden gehouden.
Ah ja.
En dan iemand erbij: ‘Allah geef me een kanariepietje, geef me een kanariepietje.’ En zo voort. En op een gegeven moment: ‘Allah, ik heb om een kanariepietje gevraagd, je hebt me tien ezels gegeven!’
Ah.
Dat zijn dus recreaties, een soort toneelstukjes waarbij je mensen op het toneel vraagt die dan een beetje voor de gek worden gehouden.
Beschrijving
Verteller vertelt over 'recreaties', toneelstukjes voor bij het kampvuur op padvinderskamp. Een persoon op het toneel bidt als een moslim en roept 'O Allah, geef me een kanariepietje'. (Verteller geeft zelf toe dat dat in deze tijd niet meer kan, maar in zijn padvinderstijd was het nauwelijks een probleem). Andere kinderen uit het publiek moeten meedoen. Op een gegeven moment knielen er tien mensen op het toneel. De eerste persoon roept uit: 'Allah, ik heb om een kanariepietje gevraagd, je hebt me tien ezels gegeven!'
Bron
Bandopname van een gesprek n.a.v. de DOC Volkskundevragenlijst (gebruikt t.b.v. de Bommenberenddag, 28 augustus 2006).
Commentaar
28 augustus 2006
Ter gelegenheid van het verhalen verzamelen op de Bommenberenddag in de openbare bibliotheek van Groningen.
Naam Overig in Tekst
Allah   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
