Hoofdtekst
RK: Waar was dat?
KK: Hier in Sterrenburg, de Ontmoetingskerk.
Rita moest naar een cursus, hoe je jonge kinderen...geloofsopvoeding voor jonge kinderen. En daar werd dus keihard gezegd, door de dominee gezegd, dat het helemaal niet waar hoeft te zijn dat Jezus over het water liep.
RK: Was dat Oudheusden?
KK: Ja.
RK: Hij is een beetje Kuitert-achtig, hè?
RKRUIT: Ja, inderdaad.
[...]
Toen hadden wij allebei een mening van: hier horen we niet thuis.
RK: Dus hij zei: 'Het zijn verhalen'?
KK: Het zijn verhalen, en gewoon...en ook, het geloof komt uit je zelf, dat zit in je...dat komt niet van boven...dat zit in een mens zelf. En goed, daar ben je het dan niet mee eens. Dat was de reden dat we uit de kerk zijn gestapt. Dan heb je een tijdje niets, en ga je zoeken.[...]
Ik ben zo nuchter als ik weet niet wat; dat zegt iedereen: een nuchtere Hollander [...] Ik geloof ook allemaal niet in tovenarij en al die poespas en al die ongein. Maar goed.[...] Toen kwamen we 2,5 jaar geleden terecht bij de baptisten.[...] De baptisten, die hebben de volwassendoop. Je bent natuurlijk gereformeerd opgevoed en daar komt heel de volwassendoop... is foute boel daar. Dat gaat, de kinderdoop, en daarna belijdenis. Toen heb ik dat ook met mijn volle bewustzijn en volle overtuiging daar ook gedaan. Onze drie kinderen hebben we ook in de gereformeerde kerk gedoopt, als kind, en daar staan we nog steeds achter. Maar goed.
RK: Zou u dat nu weer doen?
KK: Nee, nee. Nu zou ik het niet meer doen. Alleen als iemand zegt van: "Ik laat m'n kind dopen', dan heb ik daar volledig begrip voor. Dat wel...dat wel. Maar goed. Dat komt straks nog wel, denk ik.
Maar we zitten daar dus 2,5 jaar...regelmatig naar de kerk....wel een beetje ook, dat zweverige, daar hou ik ook niet zo van hè. Ennuh. Maar goed. Ennuh, dan ga je nadenken over de toekomst. Die baptisten kennen twee soorten van lidmaatschap. Je kan dus lid worden door onderdompeling. Dan word je als volwassene gedoopt. En je kan zogenaamd 'vriend' worden van de gemeente. Rita kwam op een gegeven moment tot het besluit....
RKRUIT: Nee, je slaat een heel stuk over.
Veertig doelgerichte dagen...
KK: Oh ja. Daardoor is het eigenlijk....
RKRUIT: Daardoor is het eigenlijk begonnen.
KK: In de gemeente was een project 'Veertig doelgerichte dagen', naar aanleiding van een boek van een Amerikaanse dominee, Rick Warren. En dat gaat dus over de vraag waarom we hier zijn op aarde hè.[...] Mensen allemaal, niet met dezelfde kerkelijke achtergrond sommige helemaal niks, of sommige wel kerkelijk opgevoed, maar niks met bedoelingen of een aantal katholieken zitten er bij. [...] Dan zit je daar eigenlijk als enige van protestantse huize, regelmatige kerkganger en gelovige, tegenover mensen die anders zijn als gelovige.[...] En dat heeft mede jou toch doen besluiten om een beslissing te nemen...'Wat gaan we doen in de baptistenkerk? Hoe gaan we verder met ons geloof?' [...] Dus Rita zei: 'Laten we dan vriend worden van de gemeente.' [...] Het is allemaal iets anders gegaan. Rita is ook lid van een koor, ook in dezelfde kerk. En we zijn dus bezig met een projectgebeuren...
RKRUIT: 'Experiencing God'...een musical.
KK: En dat heeft haar eigenlijk op een gegeven moment...ze zat in de auto...nee, vertel zelf maar.
RKRUIT: Eigenlijk, vlak voordat Nico [RK: dit is de dominee van de gemeente, Nico Van der Leer] kwam, zat ik in de auto, te luisteren naar de cd van die musical. Stond in de file. Ik was toch eigenlijk natuurlijk de hele tijd aan het nadenken van...over het lid worden, of vriend worden. en ik zit zo naar die cd te luisteren. Het kwam er eigenlijk op het kort neer van: Jezus heeft zijn leven voor jou gegeven. Waarom zeg jij ging 'ja' tegen Jezus? En ik denk op een gegeven moment...dan gaat er iets door je heen...van: 'Waarom eigenlijk ook niet?' Het is allemaal niet zo moeilijk. Ik wil eigenlijk wel gedoopt worden. Ik wil 'ja' zeggen tegen God. [...] Toen besloot ik me om te laten dopen.[...]
KK: We hadden altijd gezegd: 'We laten ons niet dopen, we hebben belijdenis gedaan.'[...]
RKRUIT: M'n geloofsbeleving werd heel anders. [...] dat is eigenlijk een opstapje naar het volgende, waar het verhaal eigenlijk pas interessant wordt...nee hoor [lacht].
KK: In eerste instantie had ik zoiets van: prima. Als jij je wilt laten dopen. Ik had er wel begrip voor. Alleen, ik zal me nooit laten dopen. Hè. Toen was het eigenlijk eh...het was eind november.
RK: Welk jaar spreken we?
KK: Vorig jaar. Eind november. Ik zat al een tijdje niet lekker in m'n vel, weet niet wat dat was. En we waren op verjaardagsvisite. [..]En ik ging bij die verjaardag vandaan, met zo'n rotgevoel. [...] Een heel ontevreden gevoel. Ik was gewoon mezelf niet, voelde me helemaal niet lekker...geestelijk. En ik ging meer nadenken die week. En ik ging ook nadenken over de doop, de volwassendoop. Ik ging me eigenlijk een beetje afkeren van die doop. Ik werd kwaad eigenlijk. Wat is dat toch voor flauwekul, die doop. Het is toch helemaal niet nodig. We zijn toch gelovig. We hebben toch belijdenis gedaan. Ik ging me er tegen verzetten.
RKRUIT: Niet openlijk hoor.
KK: Niet openlijk hoor, het was allemaal innerlijk. Het idiote was eigenlijk...ik ben zo nuchter als het maar zijn kan, en normaal gesproken zou ik me daar helemaal niet zo druk om maken. Maar ik maakte me er wèl druk om. Toen was het die zondag daarna [...] Dus ik ging daar naar toe en ik ging daar zitten in die kerk. En voordat die dienst begonnen was...nou moest ik gewoon huilen. Iets in me zei van: 'De kerk is waardeloos, het geloof is waardeloos en de doop is flauwekul...en iets anders in me zei van:'Ja, ho eens even...je bent gelovig, je gelooft in God...daar moet je boven proberen te staan. God is goed. Eh. Waarom zou je je niet laten dopen? Honderden, duizenden mensen laten zich dopen, en die zijn er blij mee.' [..] Er was echt, boven in mijn hoofd, een strijd aan de gang, zoals ik die nog nooit gevoerd heb.[...] Nu was er echt een gevecht aan de gang. Dat zag ik toen nog niet, maar besefte ik later pas.[...] Nog een paar keer tijdens dezelfde dienst..ik moest gewoon huilen, spontaan. Toen was de dienst afgelopen en ben ik naar buiten gerend. Ik moest gewoon 'r uit.[...] En nog alles in m'n hoofd...chaos...complete chaos.[...]
RKRUIT: Toen konden we hem niet vinden, want hij al verder gelopen.[...] Toen zijn we in de auto gestapt. [...]Hij zegt: 'Ik weet het niet. Ik twijfel aan alles en iedereen. Aan jou, aan God, aan de kerk. Aan alles, alles, alles.' [...]
Ik zeg: 'Het klinkt misschien zweverig'. omdat ik weet hoe nuchter hij is, ik zeg: "Maar zou het niet mogelijk zijn...we zijn op dit moment bezig om een belangrijke stap in ons geloofsleven te zetten [...]. Zou het niet kunnen dat er aan jou getrokken wordt? Ik zeg: "Want er bestaat natuurlijk niet alleen een God, er is ook nog zoiets als een duivel. Ik zeg:
'En die vindt misschien dat wij de verkeerde kant opgaan, voor zijn idee. Want ik geloof zeer zeker in God, maar ook zeer zeker in het kwaad, dat dat aanwezig is, en dat dat ook zijn invloed probeert uit te oefenen.' Maar ja, tot mijn verbazing zei hij, na een poosje nadenken, van: "Zou best kunnen." Dus dat vond ik al heel wat dat 'ie niet zei van: "Doe niet zo raar."
KK: Het eerste wat ik dacht: "Flauwekul". Dat is het eerste wat ik dacht, toen jij dat zei. "Wat een flauwekul". Maar al gelijk na een paar minuten dacht van: "Wat er aan de hand is weet ik niet, maar dit is niet normaal. Dit komt niet uit mezelf. Dit is inderdaad iets waar ik geen controle over heb." Dat gevoel had ik ook. Ik had geen controle over mijn eigen geest he. Want dat was het punt. [...] Ik had dus echt geen controle over mijn eigen geest. Constant te janken. Helemaal overstuur. maar goed, we komen thuis. [...]
RKRUIT: Het gekke was, dat ik die dag heel erg rustig was en achteraf gezien heb ik zulke wijze dingen gezegd, dat ik zeker weet dat ze niet van mezelf waren. Ik denk dat God mij de woorden in de mond legde. Eh...die nodig waren voor hem..voor Klaas. Ik zeg: "Ik geloof zeer zeker dat de duivel probeert aan jou te trekken. Ik zeg: maar wil je heel goed in de gaten houden, dat God aan jouw kant hebt. En dat je altijd als winnaar uit de bus komt. Zolang je je daar maar aan vasthoudt. Samen en met God samen, verslaan we hem wel. Komt we er wel uit. Komt goed, maar je moet er wel zelf aan werken. Hij is hier door het huis gaan banjeren...en dat weet 'ie zelf niet meer...maar hij liep met gebalde vuist van: "Kom maar op en mij krijg je niet klein. En als je zo nodig moet: Kom maar op, dan ga ik het gevecht wel aan." En ik was helemaal niet bang...dat was ook zoiets...ik bleef heel rustig. [...] De volgende dag waren er dingen dat zei van: "Zo wijs als ik me gisteren voelde, zo dom voel ik me nu." Toen wist opeens de woorden niet meer te zeggen. Ik geloof zeker dat God mij gebruikt heeft om....
KK: Dat is gewoon Gods geest geweest.
RKRUIT: ...om hem te helpen. Hij liep hier echt zijn strijd te voeren en toen ging hij naar buiten.
KK: Toen ging ik naar buiten, toen heb ik heel heftig zitten bidden: "Here God, help me. Red me." Nou, toen gebeurde het wonder dus. Ik stond daar buiten, en het was alsof ik een hand op mijn schouder voelde. En van het ene op het andere moment voelde ik echt het kwaad uit mijn lichaam stromen. Echt letterlijk. Een hand op je schouder...de hand van God en Gods geest die de duivel, die in je zit, verjaagt. En ik was gelijk helemaal rustig, of in zoverre rustig: geestelijk rustig. Ik was zo emotioneel als het maar zijn kan...maar ik had gelijk in de gaten wat 'r was gebeurd. God heeft de duivel uit je lichaam verjaagd. En God geest is in je gekomen. En dat is zoiets wonderbaarlijks, zoiets moois...dat is met geen pen te beschrijven. Maar...het was fantastisch. Ik ben toen gelijk naar binnen gerend...ik weet niet meer wat ik gezegd heb hoor...
RKRUIT: Jij zegt: 'Het is goed, het is goed...'.[...]
KK: Ik voelde me gewoon eigenlijk heel erg goed. Ik was nog wel ontzettend emotioneel hoor.
RKRUIT: Hij is nog heel lang heel emotioneel geweest. Dat 'ie echt alleen maar kan huilen van blijdschap. Echt puur van blijdschap.
KK: Dat is dus zoiets moois natuurlijk wat je gebeurt en wat je overkomen is...een aanraking van God. Mooier kan het toch niet?! Voor mij hét bewijs.
RKRUIT: Daar heb je geen wetenschap voor nodig. Helemaal niet.
KK: Maar goed, het verhaal is nog niet helemaal afgelopen.[...] Maar nog steeds [...] had ik niet het idee van...m'n ideeën over de doop en zo, die zijn daardoor veranderd. In de baptistenkerk is het gebruikelijk dat je een zogenaamde getuigenis van je geloof aflegt als je een vriend van de gemeente wordt of als je je laat dopen.[...] Ik had eigenlijk die maandag daarop m'n getuigenis al op papier gezet, maar nog steeds vanuit gaande, dat ik gewoon 'vriend' zou worden. Ik was maandag eigenlijk nog niet van gedachten veranderd.
Dinsdagmorgen...gewoon op m'n werk...dacht ik van: "Ja, jongens, waar zijn we nu eigenlijk mee bezig? God heeft mij gered, God heeft mij gevraagd, of ik Zijn kind wil worden. Ik mag Zijn kind worden. Waarom zou ik me niet laten dopen? Wat weerhoudt mij daarvan? Dus gelijk mijn getuigenis veranderd...met ook heel kort dit verhaal natuurlijk. En 's avonds tegen Rita gezegd van, nou, dat ik ook besloten heb me te laten dopen.
RKRUIT: Ik wist eigenlijk dat het een kwestie van tijd zou zijn...na die zondag.
KK: Maar goed, achteraf, als je alles op een rijtje hebt gezet, kom je eigenlijk tot de conclusie, dat er machten zijn, die dus inderdaad proberen om jou er van te weerhouden om een kind van God te zijn, om gelovig te zijn...duivelse kracht dus...gewoon de duivel...klaar! Hoe je het ook noemen wilt, voor mij is dat gewoon de duivel. De duivel die heeft geprobeerd mij er van te weerhouden...heeft mij geprobeerd...wil mij als werktuig gebruiken...om Rita er van te weerhouden om zich te laten dopen....want dat gebeurt natuurlijk...ik ging me overal tegen verzetten. En die heeft ook geprobeerd mij van God af te halen. Maar God zij dank...is dat niet gebeurt.
RKRUIT: En twee weken later is het nog eens gebeurd tussen ons.[...] Nou wil het geval dat Klaas best nog emotioneel was, en liever niet alleen in de kerk wilde zitten.[...]
KK: Ik had dat gewoon nodig. Tenminste, voor m'n gevoel.
RKRUIT: Dus ik zeg zaterdags: 'Nou moet ik morgen...loop ik wel mee he, met zondagsschool. Hij zei zegt: "Nou, dat wil ik niet" "Ja, wil ik niet....maar ik heb dat afgesproken" "Ja, maar ik heb je nodig, bij mij. Ik wil dat je bij mij zit." En echt op zo'n manier van: "Ik wil het!"[...] En dat ging echt, op een gegeven moment, hard tegen hard.[...] Eigenlijk zijn we boos gaan slapen. En de volgende ochtend, toen we naar de kerk toeliepen, zeiden we allebei tegen elkaar: "Dit waren wij niet, hè! Dit was echt weer die duivel, die probeert tussen ons ruzie te krijgen, waardoor je misschien ook wel besluit je niet te laten dopen." Dat was voor ons beiden zo duidelijk...
[...]
KK: Eind van het liedje...zijn we al zo ver?...is dat ik me nu twee weken geleden...dat wij nu twee weken geleden gedoopt zijn.
RKRUIT: En dat was geweldig.
RK: En hebben jullie nu het idee dat jullie veranderd zijn?
RKRUIT: Klaas is echt heel erg veranderd.
KK: Rustiger, milder.
RKRUIT: Milder.
KK: Veel milder, ja. [...] Je ziet nu veel meer in alles, dan vroeger.
RK: De nuchtere Klaas, die is nu niet zo nuchter meer?
KK: Nee. Vroeger...de Bijbel was gewoon een boek. Je las het en je geloofde. Maar je geloofde met je hoofd. Nu geloof je met je hart. Dat is een heel groot verschil. [...] Nu leeft je geloof.
RK: En die getuigenis...dat is dus altijd zo, voor je lid wordt of vriend wordt? Wat gebeurt daar mee?
KK: Die schrijf je zelfs dus. Gewoon wat je kwijt wilt.[...] Dat is dan ook afgedrukt in het blaadje van de kerk, zeg maar.
Onderwerp
TM 5005 - Bekering   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Rita   
Sterrenburg   
Oudheusden   
Jezus   
Christus   
Jezus Christus   
Kuitert   
Warren   
Rick Warren   
Nico   
Nico van der Leer   
Experiencing God   
Klaas   
Heilige Geest   
Bijbel   
Naam Locatie in Tekst
Ontmoetingskerk   
Amerika   
