Hoofdtekst
RK: Kent u ook van die fopdrachten? [...]
JP: Ja. De steenschaaf en jah...het kwam vaak in de bouwwereld, kwam het heel vaak voor. Of op kantoor ook hè. Het dossier met verloren zaken of zowat. Dat deed de ronde dan als je op een groot kantoor zat. 'Ga even naar die en die en haal het dossier met zoekgeraakte stukken even op,' of zowat. Dat werd op grote kantoren vel gedaan. En bijvoorbeeld de spijkerzeef. Timmer...in de timmermanswereld daar werd zoiets heel vaak...dat komt, timmerlieden dat waren meestal nogal...ah dat waren nogal grapjassen. Ook vaak op een hele laffe manier hoor. Maar kijk die hadden heel vaak...dan kwam een nieuw jonkje kwam er dan: 'Ach mien jong...' Eh, net zoals ik zeg, toen vroeger als je van school kwam dan kreeg je...of je ging naar de boer of je ging naar de bakker toe, of zowat. In het bakkersvak zal het ook wel geweest zijn. Maar vooral in de timmer....spijkerzeef...'Och, goat even naar die en die, hoalt mie de spijkers even op.' Maar kiek d'r waren ook wel jongens die ze van de een naar de ander stuurden en die dachten...waren een beetje clever, die dachten: 'Moet je es luisteren, jij hebt mij op pad gestuurd, nou krijg ik jullie wel.' En dan kwamen ze bijvoorbeeld...hier werden ze weggestuurd, ze gingen naar Jansen toe...'Nou..nee och, die het Klaassens net van mij geleend,' want die mensen hadden dat wel door. 'Die had net van mie uuteleend,' 'Oh, nou, ga ik daar even heen!' Dus en dan ging e naar Evertsen of wie dan ook. En die waren soms, waren de hele dag waren die op pad. Dus eh. Die dachten: 'Moet je es luisteren, jullie hebben...', die hadden het op het laatst wel door ja, 'Jullie hebben mij, dan krijg ik jullie wel.' En dan werd [hij] van de een naar de ander gestuurd. En 's avonds kwam e terug en dan zei e van: 'Nee, geen een van allemaal. Hij is zeker weg. Hij is er niet meer,' of zo, wat zeiden ze dan. Kiek, dan hadden ze de hele dag, hadden ze 'm weggestuurd. Ja kiek, die waren er ook bij, die waren wat cleverder. En dat zal in het bakkersvak zal dat ook wel geweest zijn. Maar ja, wat ik mij herinneren kan dat is....of het ploegsmeer bij de boeren. Het ploegsmeer. Kiek, dan most dat...dan waren de boeren aan het ploegen en dan moest het ploeg, moest gesmeerd worden. Weet je wel...dat het zand er beter af kon, maar van die ploegschaar. Plougsmeer zeiden ze dan. Kiek en in garages bijvoorbeeld, dat weet ik ook niet. Daar zal het ook wel gew....ik denk dat het overal wel voorkwam. Dat was echt eh, op een beetje humoristische wijze die...die nieuwelingen even een hak zetten.
JP: Ja. De steenschaaf en jah...het kwam vaak in de bouwwereld, kwam het heel vaak voor. Of op kantoor ook hè. Het dossier met verloren zaken of zowat. Dat deed de ronde dan als je op een groot kantoor zat. 'Ga even naar die en die en haal het dossier met zoekgeraakte stukken even op,' of zowat. Dat werd op grote kantoren vel gedaan. En bijvoorbeeld de spijkerzeef. Timmer...in de timmermanswereld daar werd zoiets heel vaak...dat komt, timmerlieden dat waren meestal nogal...ah dat waren nogal grapjassen. Ook vaak op een hele laffe manier hoor. Maar kijk die hadden heel vaak...dan kwam een nieuw jonkje kwam er dan: 'Ach mien jong...' Eh, net zoals ik zeg, toen vroeger als je van school kwam dan kreeg je...of je ging naar de boer of je ging naar de bakker toe, of zowat. In het bakkersvak zal het ook wel geweest zijn. Maar vooral in de timmer....spijkerzeef...'Och, goat even naar die en die, hoalt mie de spijkers even op.' Maar kiek d'r waren ook wel jongens die ze van de een naar de ander stuurden en die dachten...waren een beetje clever, die dachten: 'Moet je es luisteren, jij hebt mij op pad gestuurd, nou krijg ik jullie wel.' En dan kwamen ze bijvoorbeeld...hier werden ze weggestuurd, ze gingen naar Jansen toe...'Nou..nee och, die het Klaassens net van mij geleend,' want die mensen hadden dat wel door. 'Die had net van mie uuteleend,' 'Oh, nou, ga ik daar even heen!' Dus en dan ging e naar Evertsen of wie dan ook. En die waren soms, waren de hele dag waren die op pad. Dus eh. Die dachten: 'Moet je es luisteren, jullie hebben...', die hadden het op het laatst wel door ja, 'Jullie hebben mij, dan krijg ik jullie wel.' En dan werd [hij] van de een naar de ander gestuurd. En 's avonds kwam e terug en dan zei e van: 'Nee, geen een van allemaal. Hij is zeker weg. Hij is er niet meer,' of zo, wat zeiden ze dan. Kiek, dan hadden ze de hele dag, hadden ze 'm weggestuurd. Ja kiek, die waren er ook bij, die waren wat cleverder. En dat zal in het bakkersvak zal dat ook wel geweest zijn. Maar ja, wat ik mij herinneren kan dat is....of het ploegsmeer bij de boeren. Het ploegsmeer. Kiek, dan most dat...dan waren de boeren aan het ploegen en dan moest het ploeg, moest gesmeerd worden. Weet je wel...dat het zand er beter af kon, maar van die ploegschaar. Plougsmeer zeiden ze dan. Kiek en in garages bijvoorbeeld, dat weet ik ook niet. Daar zal het ook wel gew....ik denk dat het overal wel voorkwam. Dat was echt eh, op een beetje humoristische wijze die...die nieuwelingen even een hak zetten.
Onderwerp
TM 8054 - Fop-opdrachten   
Beschrijving
In de bouwwereld kende men de steenschaaf als fop-opdracht. Op kantoor het dossier met zoekgeraakte spullen. In de timmermanswereld de spijkerzeef, en bij de boeren de ploegsmeer.
Bron
Letterlijk afschrift van DAT-opname.
Commentaar
16 november 2006
Fop-opdrachten
Naam Overig in Tekst
Jansen   
Janssen   
Klaassens   
Evertsen   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
