Hoofdtekst
Tegen het einde van de zestiende eeuw begon men in te zien dat de manier waarop sommige heksenprocessen werden gevoerd voor verbetering vatbaar was. De magistraten begonnen met name vraagtekens te zetten bij de bewijsvoering. Eerder had dit al geleid tot de instelling van de heksenwaag te Oudewater (zie De Blécourt 1979: 80-83), in 1595 was de zg. waterproef onderwerp van discussie. Deze waterproef diende om objectief vast te stellen of de beschuldigde persoon al dan niet als heks beschouwd kon worden; normale mensen bleven immers niet drijven.
Toch was de waterproef voor velen die van hekserij beschuldigd werden een van de weinige middelen om hun onschuld te 'bewijzen'. Nog in de vorige eeuw werd zo'n waterproef in Delden toegepast, zij het niet van overheidswege (Scheltema 1828, bijlagen: 99-101). Onderstaand een gedeelte uit een in 1595 gevoerde briefwisseling over dit juridische detail.
Klagte van heeren Schepenen van 's Hertogenbosch aan den Raad van Braband wegens het ontwettig gebruik der waterproef, bij beschuldigden van tooverij, op eene schrikbare wijze in de Meijerij toegepast. 10 oktober 1595.
Eerw., edele, wyse, zeer discrete en. voirsienighe Heeren. Wy laten ons wel voorstaen, dat uwe Eerw. alreede wel te vollen syn onderricht van tgene seeckere weecken geleden respectivelyck is gepasseert ende noch daechelycx wordt te werck gestelt, zoe by particuliere heeren van ennige beleende dorpen als andere binnen de meyerye deser stadt van Tshertogenbossche, over vele ende diversche persoonen, die byde selve particulieren, smaele heeren ende henne officiers wordden geculpeert van toverye, ende dat deur ennige inordentelicke bedraginge en. belastinghe van dyen, veele allreede syn geapprehendeert ende al noch daegelycx geapprehendeert wordden, niettegenstaende deselve, zoe wy verstaen, nyet en mochten staen oft gestaen hebben ter quader name ende fame, onder tdexel alleenlick, dat nae dusdanige bedraeginge ende apprehensie, zylieden byden scherprechter geworden synde inden waeter, alsoo ter proeve souden worden gestelt, oft sy by avontueren mochten boven blyffven ofte sincken, ende bevonden synde deselve niet te sincken, maer boven dwaeter te blyven liggen, worden vuyt oirsaecke van deselve pretense proeve ende niet ondersincken, de geapprehendeerde gehouden voor genoech verwonnen ende plichtich van de voors. delicten. Emmers om over sulcx in cas van egeene voluntaire confessie, die wel vuyt vreese oft grooticheyt van torture, oft anderssins soude connen geschieden, ende te beduchten is by eenighe geëxecuteerde geschiet te zyn, gewesen om aen staecken levendich gebrant te wordden, daer van alle vele exemplelen onlancx metter daet syn gesien. Ende gemerckt ons, onder correctie, dese maniere van procederen verdunckt te wesen te seer precipitant ende buyten orde van rechtshandelinge, behalven d'onsekerheyt ende ongewoonlycheyt vande voors. waeterproeve, meer smaeckende superstitie byden bosen vyant geinventeert, om God te tenteren, den onnooselen te condempneren ende de schuldigen te defenderen, nae alle rechten noirlyck verboden dan wettelycke ende toegelaten probatie, emmers sulcx datmen daer van tot noch toe inden lande van Brabant geen gebruyck en weet geweest te zyn; tot desen oock in consideratie stellende, dat ter plaetse daer dusdanighe apprehensie ende executie wordt gedaen, wordt, helace! daechelicx gehoirt en lamentabel geclaegh tusschen andere eerlycke ende onbefaempde persoonen, die van gelycke temeraire ende onsekere belastinghe, daer door de boose vyant sonder twyffel is syn prouffyt doende, bevreest zyn, ende alsoo insgelycx tot dusdanighe confuse probatie, torure ende geprecipiteerde schandaleuse doot oyck onnooselyck souden comen te geraecken: soo eest, dat wy eedts ende conscientie halven, neffens d'advys van onsen eerwaerdichsten heere de Bisschop deser stadt, gedrongen worden hier van uwe E. te doen de voors. verthoeninge, derselver biddende, om in faveur van ordentelicke iustitie ons t'adviseren, wes inde voors. nyeuwe maniere van waterproeve soude staen te doene, ende des niettemin by ennige placcaet oft ordonnancie deur openbare publicatie voor ons ende alomme te platten lande te doen vercondigen hoe ende welcker vuegen in tgene voors. staet, zal dienen by tyde te worden geremedieert oft anderssins gedecreteert soe tot gerusticheyt der conscientien vanden officieren en. richters genoech soude mogen wesen; ende in cas van desen te stellen in voerdere deliberatie met myn heeren vanden secreten Raide, dat emmers by provisie den ghene administrerende de iustitie inde vier quartieren der meyerye deser stadt expresselicken wordde geordonneert van alle voordere apprehensie, proeffneminghe ende scherpe examinatie, by wegen als voor, op simpele bedraginge te supersederen, ter tyt toe byden Hove ende van Hooger hant wegen daer inne anders zall wesen versien. Waer mede desen eyndende, sullen Godt bidden, myn Heeren, uwe Eerw. ende Edelheden in gelucksalige regeringe te gesparen in syne heylighe protectie, nae onse seer gedienstige gebiedenisse aen henne goede gracien. Vuyt Shertogenbossche, den xen Octobris 1595.
Uwen Eerw. ende Edelheden
Zeer oitmoedige en. onderdanige ten dienste,
De Schepenen der Stadt van Tsertogenbossche
W. van Reys.
Antwoord op de voorgaande klagte van wege den Koning, met aanmaning, om de tooverij met ernst uit te roeijen, doch zonder het gebruik der waterproef. 24 October 1595.
Byden Coninck.
Lieve ende beminde. Wy hebben doen stellen in deliberatie van Raide d'inhoudt van uwe brieven vanden xen deeser tegenwoordiger maendt, ende op de redenen daerinne geallegeert wel ende rypelyck geleth synde, hebben u wel willen vercleren by desen, dat hoe wel onse ernstighe meyninghe ende intentie is, datmen tegen de ghene, die culpabel zyn van toverye, in alder diligentie behoort te procederen tot behoorlycken straff ende correctie, soe en verstaen wy nochtans nyet, dat yemant ter saecken van dyen geapprehendeert en. getortureert zall wordden dan mits voorgaende informatie ende sufficiente inditien in rechte geapprobeert ende van outs hier te lande geobserveert en. geplogen: en. daeromme, alsoo die waterproeve in uwe voorscreve brieven breeder vermelt, te voeren hyer te lande nyet en is gebruyckt en. geplogen geweest, iae byden rechten, soo wel geestelyck als weerlyck, gereprobeert, als smaeckende superstitie, ende andersins teenemael onseecker en. bedriegelyck, wy en cunnen nyet goet gevinden, dat eenighe officiers ende rechters hun gevoirdert hebben deselve int wercke te stellen ende daerop te procederen totter torture ende condempnatie, ende syn van meyninge by generaelen placcate daertegen te doen versien. Desnyettemin en kunnen nyet gelaten u wel ernstelycken te vermaenen by desen, uwe vuyterste debvoir te doen, om onder het districkt van uwer officie de voors. tooverye tenemael t'extirperen en. vuytteroyen, en. in zaecken, die voer u lieden sullen wesen geintenteert, sonder dessimulatie recht ende iustitie t'administreren, tzy tot condempnatie oft absolutie, soo ghy in goeder conscientie sult bevindden te behoiren ende wy u des syn berouwende, nyet latende oock een eynde te maecken vanden zaecken van Lysen Tysen, zoe wij u tot meer reysen bevolen en. belast hebben ende noch anderwerff syn doende mits desen. Lieve en. beminde, onse Heere Godt sy met u. Gescreven in onser stadt van Bruessele, den xxiiijen Octobris 1595. Onderteeckent: DE ROY. Gesuperscribeert: Onse live ende beminde, die Schepenen onser stadt van Shertogenbossche.
Beschrijving
Bron
Motief
H222.5* - Ordeal by water to test suspect of witchcraft.   
Commentaar
De waterproef Hermans 1848: 700-705.
6 Heksenprocessen
Naam Overig in Tekst
De Blécourt   
Scheltema   
Raad van Braband   
Meijerij   
Tshertogenbossche   
God   
Raide   
Godt   
Shertogenbossche   
Koning   
Coninck   
Lysen Tysen   
Heere Godt   
Bruessele   
Van Reys   
Naam Locatie in Tekst
Oudewater   
's Hertogenbosch   
Brabant   
Bisschop   
Plaats van Handelen
Den Bosch (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
K150p   
