Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WEV014603

Een sage (mondeling), maandag 12 september 1966

Hoofdtekst

Was ook n moal n weduwman, die voor de twiede keer trouwde.
Dat was ja wel goed, maar et mens was niet best veur de kinder van de man. Op een nacht wur er aan et roam klopt. De man wordt wakker en vragt: “Wie is doar nog zo laat?”
“Joen vrouwe, ik wil es weetn, hoe mien kinder et maakn.”
Die stem heurde ie. Doar is ie zo van schrukn, dat de twiede vrouw van of die dag de kinder beter verzurgd het.
De man miende warkeliek, dat zien eerste vrouw buutn staan had; dat was niet zo. Een mens uut de buurte, die medeliedn met ze kreegn had, dachte: “Zo moet ik er maar met aan; misschien helpt et.” En t is heur gelukt.

Onderwerp

SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.    SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   

Beschrijving

Buurvrouw krijgt medelijden met kinderen die door tweede moeder niet goed verzorgd worden. Ze klopt 's nachts op het raam en doet alsof zij de gestorven vrouw is die haar man vraagt naar de kinderen. De man gelooft dat zijn eerste vrouw teruggekomen is.

Bron

Collectie Wever, verslag 146, verhaal 3 (Archief Meertens Instituut)

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21