Hoofdtekst
De pest is aan boord
Lang geleden is het eens voorgekomen dat voor Katwijk een schip in nood verkeerde. De wind gierde en de zee dreunde. De masten knapten af en de zeilen fladderden aan de ra's. Hulpeloos werd het schip naar het verraderlijke strand gedreven en elk oogenblik vreesde men het voor zijn oogen te pletter te zien slaan.
Wanhopig kreet het scheepsvolk om redding.
Het volk aan de kust stond stijf van ontzetting. Hier ging een groot ongeluk gebeuren.
Maar zie, reeds maakten eenige stoere visschers de reddingsboot ree en wilden een poging doen om de arme menschen in doodsnood te redden. Het was een levensgevaarlijk werk maar waar menschen in nood verkeeren valt elke overweging weg.
Reeds was de boot zeeklaar, reeds werd hij in zee gereden toen op eens de burgemeester op een draf aangehold kwam.
Laat verzuipen! schreeuwde hij, laat verzuipen!
Het volk op het strand stond stijf van schrik en ontzetting. Wat riep de burgemeester? Wat had dat te beduiden?
Laat verzuipen! Laat verzuipen! De pest is in die schuit!
De pest aan boord en de burgemeester verbood te helpen.
Verlamd stonden de mannen op het strand.
Gedwee lieten ze de boot liggen en op hetzelfde oogenblik verging vlak voor hun oogen het met de golven worstelende schip. Een verschrikkelijke zee wierp het op het harde zand. Het kraakte in zijn gebinten en sloeg uit elkaar. En al de menschen die aan boord waren, mannen, vrouwen en kinderen, verdronken jammerlijk.
Maar wanneer nu, na vele jaren, de storm op komt zetten gebeuren er op de plaats waar eens het schip verging, verschrikkelijke dingen. Dan hoort de Katwijker die langs het strand gaat het angstige hulpgeschrei van de in nood verkeerende schipbreukelingen. Akelig gilt het angstgehuil boven het geweld van storm en golven uit en wanneer je het waagt zee in te kijken zie je daar zwarte koppen en donkere gedaanten over de golven waren. Het is naar om te zien hoe die spookgedaanten met de golven worstelen. Hoe ze wanhopig probeeren de kust te bereiken en hoe ze daar nooit in slagen. Telkens worden ze door het wilde water terug geslagen maar steeds opnieuw herhalen ze hun pogingen om aan land te komen.
Vreeselijk is het bij storm en onweer in de buurt van de Watering. Hulpgeroep van menschen in doodsnood en gerammel en gerinkel van ankerkettingen.
Niet alleen bij nacht en ontij, bij storm en slecht weer gebeuren deze vreeselijke dingen benoorden de Watering, nee, het kan ook zijn dat het komt bij mooi weer.
Maar dan weet ieder Katwijker dat er storm op volgen zal. Vreeselijke alles vernielende storm.
Ja, de plaats waar dat schip toen vergaan is, omdat men de booten niet uit wilde zetten, uit vrees voor de pest, is een spookachtige plek. Niet alleen dat het ijselijke gebeuren er zich tot in der eeuwigheid herhaalt maar vreeselijke dingen worden er soms vooruit gezien.
Hebben Katwijkers daar vóór de wereldoorlog geen soldaten gezien en kanonnen en hoorden ze niet het hoefgetrappel van duizenden legerpaarden?
En is daar de groote menschenslachting niet op gevolgd?
O zeker, al deze dingen zijn waar en het gevolg van de schanddaad van lang, lang geleden.
Niets kan uitgewischt worden.
Niets ter wereld.
Lang geleden is het eens voorgekomen dat voor Katwijk een schip in nood verkeerde. De wind gierde en de zee dreunde. De masten knapten af en de zeilen fladderden aan de ra's. Hulpeloos werd het schip naar het verraderlijke strand gedreven en elk oogenblik vreesde men het voor zijn oogen te pletter te zien slaan.
Wanhopig kreet het scheepsvolk om redding.
Het volk aan de kust stond stijf van ontzetting. Hier ging een groot ongeluk gebeuren.
Maar zie, reeds maakten eenige stoere visschers de reddingsboot ree en wilden een poging doen om de arme menschen in doodsnood te redden. Het was een levensgevaarlijk werk maar waar menschen in nood verkeeren valt elke overweging weg.
Reeds was de boot zeeklaar, reeds werd hij in zee gereden toen op eens de burgemeester op een draf aangehold kwam.
Laat verzuipen! schreeuwde hij, laat verzuipen!
Het volk op het strand stond stijf van schrik en ontzetting. Wat riep de burgemeester? Wat had dat te beduiden?
Laat verzuipen! Laat verzuipen! De pest is in die schuit!
De pest aan boord en de burgemeester verbood te helpen.
Verlamd stonden de mannen op het strand.
Gedwee lieten ze de boot liggen en op hetzelfde oogenblik verging vlak voor hun oogen het met de golven worstelende schip. Een verschrikkelijke zee wierp het op het harde zand. Het kraakte in zijn gebinten en sloeg uit elkaar. En al de menschen die aan boord waren, mannen, vrouwen en kinderen, verdronken jammerlijk.
Maar wanneer nu, na vele jaren, de storm op komt zetten gebeuren er op de plaats waar eens het schip verging, verschrikkelijke dingen. Dan hoort de Katwijker die langs het strand gaat het angstige hulpgeschrei van de in nood verkeerende schipbreukelingen. Akelig gilt het angstgehuil boven het geweld van storm en golven uit en wanneer je het waagt zee in te kijken zie je daar zwarte koppen en donkere gedaanten over de golven waren. Het is naar om te zien hoe die spookgedaanten met de golven worstelen. Hoe ze wanhopig probeeren de kust te bereiken en hoe ze daar nooit in slagen. Telkens worden ze door het wilde water terug geslagen maar steeds opnieuw herhalen ze hun pogingen om aan land te komen.
Vreeselijk is het bij storm en onweer in de buurt van de Watering. Hulpgeroep van menschen in doodsnood en gerammel en gerinkel van ankerkettingen.
Niet alleen bij nacht en ontij, bij storm en slecht weer gebeuren deze vreeselijke dingen benoorden de Watering, nee, het kan ook zijn dat het komt bij mooi weer.
Maar dan weet ieder Katwijker dat er storm op volgen zal. Vreeselijke alles vernielende storm.
Ja, de plaats waar dat schip toen vergaan is, omdat men de booten niet uit wilde zetten, uit vrees voor de pest, is een spookachtige plek. Niet alleen dat het ijselijke gebeuren er zich tot in der eeuwigheid herhaalt maar vreeselijke dingen worden er soms vooruit gezien.
Hebben Katwijkers daar vóór de wereldoorlog geen soldaten gezien en kanonnen en hoorden ze niet het hoefgetrappel van duizenden legerpaarden?
En is daar de groote menschenslachting niet op gevolgd?
O zeker, al deze dingen zijn waar en het gevolg van de schanddaad van lang, lang geleden.
Niets kan uitgewischt worden.
Niets ter wereld.
Beschrijving
Lang geleden verkeerde een schip in nood voor de kust van Katwijk. De reddingsboot lag al klaar om de mensen te redden, maar mocht van de burgemeester niet uitvaren omdat er volgens hem de pest heerste aan boord. Het schip verging met man en muis. Sinds deze ramp, gebeuren er als het stormt, vreemde dingen op de plek waar het schip verging. Men hoort angsthuil en als je in zee kijkt zie je donkere gedaanten over de golven waren. Spookgedaanten die wanhopig proberen de kust te bereiken. Ook konden sommige Katwijkers op die plek in de toekomst kijken. Bijvoorbeeld zag men al vóór de eerste wereldoorlog de vele soldaten en hoorde men het hoefgetrappel. En al deze gebeurtenissen zijn een gevolg van de ramp met het schip.
Bron
Legenden langs de Noordzee/ S. Franke. - Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1934, p.124-125.
Commentaar
1934
Naam Overig in Tekst
Katwijker   
Katwijkers   
Naam Locatie in Tekst
Katwijk   
Watering   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
