Hoofdtekst
2c. In de bosschen rondom Erp huisde een beer, die het den boeren zeer lastig maakte. Zelfs de koe van den pastoor was het slachtoffer van zijn vraatzucht geworden. De parochianen wilden dus het dier levend of dood in handen krijgen. Nu stelde de koster voor, den beer in de kerk te drijven en hem daar te laten doodhongeren. 't Eerste gelukte, maar toen het toegeschoten volk de kerkdeur had dichtgeslagen, en misschien al dacht aan 't verkoopen van de huid, zag men den beer door het kerkraam klauteren en zoo den hongerdood ontkomen. Toen later de Erpenaren een nieuwe kerk bouwden, zorgden ze vooral de vensters op abnormaal groote hoogte aan te brengen. Als vreemden zich in tegenwoordigheid van Erpenaars de vraag veroorloofden: 'Waarom zijn hier in de kerk de ramen zoo hoog?' om te kunnen antwoorden: 'omdat anders de beren er uitspringen,' dan waagden ze een zinspeling, die ernstige gevolgen kon hebben.
(Van Miert, 60)
(Van Miert, 60)
Onderwerp
TM 2602 - Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners   
Beschrijving
Op voorstel van de koster wordt een beer die voor overlast zorgt, gevangen en opgesloten in de kerk om te laten doodhongeren. De beer klimt echter door het raam naar buiten. Daarom worden in de nieuwe kerk de vensters op zeer grote hoogte aangebracht.
Bron
Willem de Blécourt. Volksverhalen uit Noord Brabant. Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 215
Commentaar
1920
7 Spot en venijn. Aantekeningen over Noordbrabantse plaatsen en ingezetenen. Provincie Noord-Brabant
Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners
Naam Overig in Tekst
Erpenaren   
Erpenaars   
Naam Locatie in Tekst
Erp   
Plaats van Handelen
Erp (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
L182p   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
