Hoofdtekst
Heusden was, in 1290, aan Floris V, graaf van Holland gekomen, maar werd hem door den hertog van Braband betwist. Deze twist liep tot 1319, en altijd bleef het onbeslist, wiens Heusden zijn zou. Toen echter, wees de graaf van Gulik, als scheidsregter, het aan Holland toe; doch het bezit werd aan graaf Willem III door den hertog van Braband evenzeer betwist. Nog bleef de zaak hangende tot 1357. Toen was er twist ontstaan tusschen den hertog van Braband en den graaf van Vlaanderen. Willem V van Holland, door den hertog van Braband te hulp geroepen, zeide zijne bemiddeling toe, indien hem Heusden werd afgestaan.
Thans gaf de hertog van Braband toe. De vrede kwam tot stand. Mechelen werd daarbij aan de graaf van Vlaanderen toegewezen. Sedert ontstond het spreekwoord: Heusden mijn, Mechelen dijn, dat men den inhaligen menschen in den mond legt, omdat die altijd eerst aan zich zelven denken, en voor zich het beste kiezen.
(Harr. I, 307)
4b. Een ander verhaal luidt: Na de oorlog tussen Vlaanderen en Brabant, zou de Graaf van Holland hun geschil beslissen. Hij wilde wel de aanspraken van de hertog van Brabant op Mechelen steunen, maar moest daarvoor schadeloos gesteld worden door 't bezit van Heusden.
(Corn. III, 179-180)
(vgl. Sinn. 1934: 91)
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Floris V   
Braband   
Willem III   
Willem V van Holland   
Graaf van Holland   
Naam Locatie in Tekst
Heusden   
Mechelen   
Holland   
Gulik   
Vlaanderen   
Brabant   
Plaats van Handelen
Heusden (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
K135p   
