Hoofdtekst
De ingezetenen dezer gemeente voeren dezelfde spotnaam als de Loenhouters en de Desschelaars, doch de bijnaam schijnt hier veeleer een bespotting voor armoede te wezen. De pezerik van een geslacht varken wordt gemeenlijk aan arme lieden weggegeven.
Waagt een vreemdeling het met een pezerik over de schouder door 't dorp te gaan om de Hilvarenbekenaars te tergen, dan is 't kans dat ze hem een ferm pak slagen toedienen.
(Corn. III, 180-181)
2. Inhangers
Wat het woord Inhangers beteekent, dat den Hilvarenbekers wordt nageroepen, is door oningewijden zelfs niet te gissen. Zij kregen dien naam omdat ze den pezerik of bullepees - waarmee de timmerlui hun zagen smeren - in den soepketl hingen, om er het vet uit te koken. Schraler en schrieler kan 't moeilijk!
(Van Miert, 70)
3. Moerdabbers
(Van Miert, 70)
Onderwerp
TM 2602 - Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Loenhouters   
Desschelaars   
Hilvarenbekenaars   
Inhangers   
Hilvarenbekers   
Moerdabbers   
Naam Locatie in Tekst
Hilvarenbeek   
Plaats van Handelen
Hilvarenbeek (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
K197p   
