Hoofdtekst
Capiteyn Manshart maeckte sijn testament en seyde tegens den notaris: 'Schrijft vooreerst dat ik maecke een scheet, nu noch een scheet en dan noch eens een halve scheet. De eerste scheet maeck ik aen al de kaele jonckers die geern moy gekleet gaen en niet een duyt in de beurs hebben. De tweede aen al diegeene die horologies inde sacke draegen en altijt vraegen hoe laet het is. En de derde halve scheet sult gij voor u moeyten hebben.'
Beschrijving
Kapitein Manshart laat zijn notaris in zijn testament schrijven dat hij twee en een halve scheet nalaat. Twee scheten voor opgeblazen armoedzaaiers en de halve scheet voor de notaris voor de moeite.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
derde kwart 17e eeuw
Naam Overig in Tekst
Capiteyn Manshart   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
