Hoofdtekst
Eenige pelgrims spraken van St. Maria tot Einsidlen haer goetheyt. Seecker compagnon seyde: 'Het is mijn suster.' Hierover wiert hij beclaegt en ter reden gestelt. Maer hij seyde: 'Dat noch meer is, de duyvel tot Constants en de groote Godt tot Shafhausen sijn mijn broers.' Gevraegt waerom, gaf tot antwoort: 'Mijn vader was een beelthouwer en heeft se alledrie gemaeckt.'
Beschrijving
Een vriend van enkele pelgrims beweerde dat St. Maria in Einsidlen, die zij zeer om haar goedheid prezen, zijn zus was. Hij werd hiervoor beklaagd en moest een verklaring afleggen. Hij zei dat de duivel in Constants en de God in Schafhausen zijn broers waren. Zijn vader was namelijk een beeldhouwer en heeft hen alledrie gemaakt.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Einsidlen   
God   
Constants   
Schafhausenbek   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
