Hoofdtekst
Als een veltheer met iemand handelde die hem een plaets verraden wilde, seyde sijn secretaris, dat hij wel voor hem sou sien, alsoo het een guyt der guyten was. 'Sulck volck moet ick hebben', seyde de veltheer, 'want eerlijcke lieden sullen het niet doen.'
Beschrijving
Een veldheer heeft contact met iemand die hem een bepaalde plaats kan verraden. Zijn secretaris zal uitzoeken of deze persoon een verrader is. De veldheer merkt op dat hij zo iemand moet hebben, aangezien een eerlijk persoon het nooit zou doen.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20