Hoofdtekst
[17.20 min]
LP: Ja allemaal, die ik net verteld heb daarvan denk ik… wat ik hier net vertel. Ik heb er nog een uhhh… een heel leuk verhaal en dat is een persoonlijk verhaal.
LP: Het was oktober. Bredase kermis. En... ik was ’s zondags uit geweest en toen was het ’s woensdags en toen wilde ik toch nog even en in de binnenstad waren hier die kermiskraampjes dan vroeger in de stad zelf. En ik wilde toch nog wel even een klein biertje gaan pakken. En toen zei ik tegen mijn moeder. Ik zeg mag ik een gulden hebben en mag ik eventjes een biertje gaan drinken. 'Nee nee nee het is goed geweest',-ik was zo rond de twintig jaar-'dat gebeurt niet meer, nee nee nee.' Ik zeg: 'moeder zou je dan geen zin hebben in oliebollen?' Ik zeg: 'dan rij ik eventjes naar de kermis om oliebollen.' 'Ja, das niet gek', zei ze. Dus ze geeft me een gulden. En ik pak mijn fiets en ik rij Oudenbrugstraat rij ik zo door. En ik kom op de Grote Markt en daar staat die oliebollenkraam. Maar op het moment dat ik daar aankom komt er een vriend van mij komt naar me toe 'Heee Louis' en dit en dat,' zullen we eventjes een biertje gaan drinken?' En op de markt is een cafe, en dat heet "Het Voske". Dus ik ga me(e)t hem nog eventjes dat cafe binnen, "Het Voske", met die ene gulden, maar wat gebeurt er? Heel de(n) avond zitten wij, ik weet nie of je dat weet, te bikkelen met lucifers. Dat geintje. Jij kent het niet.
OM: Nee.
LP: Nee? Nou dan uh.. heb je twee of drie lucifers en dan moet je raden hoeveel dat je er samen hebt.
OM: Oh ja.
LP: Ja? En wie 't dan wint die krijgt een turnijn, een rondje. Dus nou had ik heel de avond daar gezeten enne ik kijk buiten, het was over twaalf uur. De oliebollenkraam dicht. Dus ik zeg tegen die mevrouw daar achter de bar, daar achter de bar, ik zeg uh... 'Jullie hebben natuurlijk geen oliebollen.' 'Nee', zegt ze, 'maar ik heb wel ballen gehakt.' Ik zeg: 'Wat heb ik nog tegoed?' Nou, vier consumpties. Zeg ik, 'Geef mij dan maar vier ballen gehakt.' Dus ik in zo’n Bredaas builtje, krijg ik voer ballen gehakt. En ik rijd weer naar huis toe. En ik kom bij mijn moeder aan en ik geef ze dus die vier ballen gehakt. 'Ja maar Louis, dat zijn geen oliebollen!' Ik zeg: 'Moeder, nu moe je eens luisteren. D'r was een zoon, ja? En die maakte voor zijn moeder maakte die van water maakte die wijn.' En ik maakte van oliebollen ballen gehakt.
[19.48 min.]
LP: Ja allemaal, die ik net verteld heb daarvan denk ik… wat ik hier net vertel. Ik heb er nog een uhhh… een heel leuk verhaal en dat is een persoonlijk verhaal.
LP: Het was oktober. Bredase kermis. En... ik was ’s zondags uit geweest en toen was het ’s woensdags en toen wilde ik toch nog even en in de binnenstad waren hier die kermiskraampjes dan vroeger in de stad zelf. En ik wilde toch nog wel even een klein biertje gaan pakken. En toen zei ik tegen mijn moeder. Ik zeg mag ik een gulden hebben en mag ik eventjes een biertje gaan drinken. 'Nee nee nee het is goed geweest',-ik was zo rond de twintig jaar-'dat gebeurt niet meer, nee nee nee.' Ik zeg: 'moeder zou je dan geen zin hebben in oliebollen?' Ik zeg: 'dan rij ik eventjes naar de kermis om oliebollen.' 'Ja, das niet gek', zei ze. Dus ze geeft me een gulden. En ik pak mijn fiets en ik rij Oudenbrugstraat rij ik zo door. En ik kom op de Grote Markt en daar staat die oliebollenkraam. Maar op het moment dat ik daar aankom komt er een vriend van mij komt naar me toe 'Heee Louis' en dit en dat,' zullen we eventjes een biertje gaan drinken?' En op de markt is een cafe, en dat heet "Het Voske". Dus ik ga me(e)t hem nog eventjes dat cafe binnen, "Het Voske", met die ene gulden, maar wat gebeurt er? Heel de(n) avond zitten wij, ik weet nie of je dat weet, te bikkelen met lucifers. Dat geintje. Jij kent het niet.
OM: Nee.
LP: Nee? Nou dan uh.. heb je twee of drie lucifers en dan moet je raden hoeveel dat je er samen hebt.
OM: Oh ja.
LP: Ja? En wie 't dan wint die krijgt een turnijn, een rondje. Dus nou had ik heel de avond daar gezeten enne ik kijk buiten, het was over twaalf uur. De oliebollenkraam dicht. Dus ik zeg tegen die mevrouw daar achter de bar, daar achter de bar, ik zeg uh... 'Jullie hebben natuurlijk geen oliebollen.' 'Nee', zegt ze, 'maar ik heb wel ballen gehakt.' Ik zeg: 'Wat heb ik nog tegoed?' Nou, vier consumpties. Zeg ik, 'Geef mij dan maar vier ballen gehakt.' Dus ik in zo’n Bredaas builtje, krijg ik voer ballen gehakt. En ik rijd weer naar huis toe. En ik kom bij mijn moeder aan en ik geef ze dus die vier ballen gehakt. 'Ja maar Louis, dat zijn geen oliebollen!' Ik zeg: 'Moeder, nu moe je eens luisteren. D'r was een zoon, ja? En die maakte voor zijn moeder maakte die van water maakte die wijn.' En ik maakte van oliebollen ballen gehakt.
[19.48 min.]
Beschrijving
De verteller gaat tegen de zin van zijn moeder naar de stad, waar kermis is, om iets te gaan drinken met vrienden onder het mom van oliebollen halen. Het wordt echter zo laat dat de oliebollenkraam al dicht is. Van de barvrouw krijgt hij vier gehaktballen om mee naar huis te nemen. Eenmaal thuisgekomen zegt hij tegen zijn moeder dat hij oliebollen in gehaktballen veranderde, terwijl een andere zoon voor zijn moeder water in wijn veranderde.
Bron
Letterlijk afschrift van een mp3-opname, OpnameBreda_25062009_LPeeters.doc
Commentaar
25 juni 2009
RK: Ruben Koman; LP: Louis Peeters.
Naam Overig in Tekst
Oktober   
's zondags   
's woensdags   
Bredase   
Louis   
Het Voske.   
Naam Locatie in Tekst
Oudenbrugstraat   
Grote Markt   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
