Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER1941

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

Een rechter hadt een diamant vereert gekregen om sijn stem niet tegen hem te geven. Als de sake nu uytquam was deselve soo slecht dat hij er geen stellen aen sach. Dieswegen seyde hij: 'Och, hoe quelt mij de steen' (meenende de diamant) en alsoo hij somtijts met den steen gequelt was, seiden d'andere raetsheeren dat hij na huys soude gaen. 't Welck hij dede en daermede bragt hij teweeg dat hij sijn stem niet tegen hem gaf.

Beschrijving

Een rechter heeft een diamant gekregen van een beklaagde om tijdens de rechtszitting niet tegen hem te stemmen. Tijdens de zitting blijkt de zaak echter zozeer in het nadeel van de beklaagde uit te pakken, dat de rechter spijt heeft van zijn belofte. Hij klaagt dat hij gekweld wordt door de steen (de diamant). De andere raadsheren begrijpen hem verkeerd en denken dat hij last heeft van de aandoening Steen (nier-, blaas- of galsteen), en sturen hem naar huis. Zodoende houdt de rechter toch zijn belofte, en stemt niet tegen de beklaagde.

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20