Hoofdtekst
Als 3 fielen op de rollen compareerden omdat sij een meysjen hadden helpen verkrachten, vraegde iemant: 'Wat zijn dat voor drie misdadigers?' R. 'Het eene is maer een mes-dadiger, de andere twee sijn hand-dadigers.'
Beschrijving
Toen drie schooiers zich moesten melden bij de rechtbank omdat ze een meisje verkracht hadden, vroeg iemand: 'Wat zijn dat voor misdadigers?' Het antwoord luidde dat er een mes-dadiger was en twee hand-dadigers.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20