Hoofdtekst
Hij gaat nooit verder dan zijn recht. Dan doet hij zijn klauwen los en dan laat hij zich weer van je rug afglijden.
Maar zei ik, waarom doet Osschaart dat dan? De mensen doen hem toch geen kwaad?
Moet je niet zeggen. Dat komt van de weg, die dwars door de kreek loopt. Vroeger was die er niet; toen was Osschaart baas over al dat water, links en rechts van de weg. En die weg moet er blijven; anders kun je niet naar Heile komen en naar Middelburg in Vlaanderen. Men zal nog eens de Stierskreek droog moeten leggen. Maar die is er vandaag de dag nog.
En dat droogleggen is ook niet goed. Daar haalden de jongens, bij dag dan, wel te verstaan, tienkjes vandaan. Dat zijn visjes met een heel oude naam: tinca zeiden de Romeinse soldaten, toen die in Vlaanderen kwamen; zeelt zegt de Hollander.
En zo'n tienkje moet men laten zwemmen in elke put; dan blijft het water goed. Anders hebben wij nooit goed drinkwater, vertelden de meisjes. Nu is er in Sluis waterleiding en nu zijn daar geen putten meer voor nodig. En nu kan Stierskreek ingepolderd worden en dan zouden we toch van Osschaart verlost kunnen worden. En anders maar doen, zo als wij toen allemaal deden, 's nachts maar liever thuis blijven.
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Osschaart   
Osschaert   
Ossaart   
Ossaert   
Land van Kadzand   
Romeins   
Hollander   
Naam Locatie in Tekst
Sluis   
Heile   
Stierskreek   
Vlaanderen   
Middelburg   
