Hoofdtekst
Mathaeus Bulach in den Switsersen oorlog, als hij quantiteyt van ongeoffende boeren met hoetjes met zijde overtrocken, in 't leger sag koomen: 'Ha', seyde hij, 'dat is braef volck, dat sullen mijne soldaten zijn.' Als sij bij hem quamen om hem te vragen waer hij na toe beliefde haer to commandeeren, dat sij gereedt waeren, antwoorde hij: 'Toont u dan als soldaten, ik weet op een hoogen boom een koeckoexnest, daer sullen wij morgen na toe.'
Beschrijving
Mathaeus Bulach in de Zwitserse oorlog zag een groep boeren als rekruten in het leger aankomen. Ze vroegen hem waar hij ze heen wilde sturen, en hij antwoordde dat hij een koekoeksnest in een hoge boom wist waar ze de volgende dag naartoe zouden gaan.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Mathaeus Bulach   
Naam Locatie in Tekst
Zwitserland   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
