Hoofdtekst
De Rode Schoentjes
Er was eens, lang geleden, een meisje dat Karen heette. Ze had geen vader of moeder meer en zwierf helemaal alleen over straat. Met bedelen probeerde ze wat geld te verdienen. Zo kon ze elke dag een beetje brood kopen. Karen liep op blote voeten die bijna altijd pijn deden, want geld om schoenen te kopen had ze niet. Gelukkig had de vrouw van de schoenmaker medelijden met haar. Zij maakte een paar rode schoentjes voor het meisje. Daar was ze erg blij mee. Nu hoefde ze nooit meer op blote voeten over de harde keien of door de koude sneeuw te gaan. 'Er gaat niets boven mijn rode schoentjes,' zei Karen.
Op een gure winterdag stond Karen bibberend van de kou op het plein te bedelen. Plotseling stopte er een deftige koets. Er zat een chique, oude dame in met een prachtige hoed op.
Toen ze het meisje zo alleen zag, vroeg ze vriendelijk: 'Hoe heet je, lief kind?'
'Karen, mevrouw.'
'Moet je niet naar huis?'
'Ik heb geen huis, mevrouw.'
'Maar waar slaap je dan vannacht?'
Karen keek de dame aan en begon opeens te huilen. Ze wist echt nog niet waar ze zou slapen. Het was altijd ergens anders. Soms onder een brug. Soms in een portiek. Soms sliep ze zelfs helemaal niet...
De dame kreeg zo'n medelijden met het arme meisje dat ze zei: 'Stap maar in. Vanavond eet en slaap je bij mij.'
Eén nachtje werden twee nachtjes. Twee nachtjes werden er drie en op de vierde dag vroeg de lieve dame of Karen misschien voor altijd bij haar wilde blijven wonen. Het meisje wilde niets liever!
Ze kreeg heerlijk eten, droeg prachtige jurken en ging elke dag naar school. Haar oude rode schoenen waren allang in de vuilnisbak beland. Nu had ze mooie, zwarte lakschoentjes.
Maar Karen veranderde jammer genoeg niet alleen vanbuiten, maar ook een beetje vanbinnen. Ze vond zichzelf wel heel erg knap en stond vaak voor de spiegel. Dan paste ze mooie jurken en zette de grote, deftige hoeden van de oude dame op. Ze bekeek zichzelf van alle kanten. Daarbij danste ze de hele tijd, want Karen was gek op dansen.
'Oh, wat zie je er toch ongelooflijk mooi uit tegenwoordig,' zei ze al dansend tegen haar spiegelbeeld.
Op een dag bezocht de koningin de stad waar Karen woonde. De koningin had haar dochtertje bij zich en iedereen wilde het jonge prinsesje zien. Ook Karen ging kijken.
Het prinsesje zag er beeldig uit. Ze had een prachtige witte jurk aan waaronder ze schitterende rode schoentjes droeg. Karen kon haar ogen er niet van afhouden. Ze waren heel wat mooier dan de rode schoenen die ze zelf ooit gedragen had!
Niet lang daarna waren de zolen van haar zwarte schoenen helemaal versleten van het dansen. De oude dame gaf haar geld om een nieuw paar te kopen.
De schoenmaker had tientallen glanzende, nette schoenen, maar Karen liet haar oog vallen op een paar rode. Ze kocht ze en ging dansend van geluk op haar nieuwe schoentjes naar huis.
Maar de oude vrouw was er helemaal niet blij mee! 'Dat zijn dansschoentjes, Karen! Daar kun je echt niet mee naar school of naar de kerk! En morgen is het zondag, dus doe dan je oude zwarte lakschoentjes maar weer aan.'
De volgende ochtend deed Karen tóch haar nieuwe rode schoentjes aan. Ze kon het niet laten, ze stonden haar zó mooi!
Karen huppelde naar de kerk. Daar zat een oude soldaat voor de deur. Hij had een lange, rossige baard en maar één been.
'Kijk nou,' zei de soldaat, 'dat zijn toch geen schoenen om mee naar de kerk te gaan?' Hij tikte met zijn zwaard even licht tegen Karens schoentjes en zong:
Rode schoentjes om te dansen
Naar de kerk, da's niks gedaan
Blijf stevig zitten, rode schoentjes
Als jullie uit dansen gaan
Karen ging de kerk in, maar ze had steeds het gevoel dat iedereen naar haar voeten keek. En dat was ook zo. Rode dansschoenen in een kerk, dat kon echt niet! Maar Karen snapte niet waarom. Er ging toch niets boven rode schoentjes?
Een tijdje later zou er een groot dansfeest op het marktplein zijn. Karen verheugde zich er heel erg op en oefende nieuwe danspasjes voor de spiegel. Daarbij zong ze:
Kijk mij in die mooie jurk
Dat verveelt geen ogenblik
Kijk mij op die rode schoentjes
Niemand danst zo mooi als ik!
Maar op de dag van het feest werd de lieve oude dame erg ziek. De dokter kwam en zei dat ze zich maar goed moest laten verzorgen door Karen. Dat wilde het meisje natuurlijk ook wel, maar daardoor kon ze niet naar het feest... En ze wilde zo graag op haar rode schoentjes over het plein dansen!
Nu zat ze aan het ziekbed van de vrouw terwijl ze in de verte vrolijke dansmuziek hoorde.
Toen de oude dame in slaap was gevallen, deed Karen snel haar rode schoentjes aan en glipte het huis uit. Eventjes dansen, dat kon toch wel...?
Niet veel later zwierde ze over het plein. Ze voelde zich heerlijk! Ze danste en danste en voelde zich zo gelukkig dat ze helemaal vergat dat ze thuis nodig was.
Rond middernacht was het feest afgelopen.
Karen schrok toen ze dacht aan de zieke vrouw die al veel te lang alleen was. Ze moest snel naar huis! Maar... het ging niet! De schoentjes dansten uit zichzelf door! Karen kon er helemaal niets aan doen. Of ze wilde of niet, ze moest wel doordansen.
De schoentjes sleurden haar mee door de stad, over straten en pleinen, de hele nacht door. Ze dansten en dansten en hoe Karen er ook tegen vocht, ze kon niet anders dan dansen, dansen en nog eens dansen!
De volgende ochtend danste ze de stad uit, door de velden, langs dorpen en boerderijen. Ze danste langs kerken en kastelen, over bergen en door dalen en het was allesbehalve leuk!
Met voeten vol blaren kwam Karen uiteindelijk haar eigen stadje weer ingedanst. Bij de kerk zat de oude soldaat nog altijd op de stoep.
'Help me!' riep Karen uitgeput.
'Jij hield toch zo van dansen?' vroeg de soldaat.
'Jawel, maar de oude dame heeft me nodig!' riep Karen terwijl ze nog een pirouette draaide.
'Aha! Je kunt dus toch nog aan een ander denken,' zei de soldaat. En hij zwaaide met zijn zwaard terwijl hij zong:
Rode schoentjes om te dansen
Naar de kerk, da's niks gedaan
Laat maar los nu, rode schoentjes
Zodat ze gauw naar huis kan gaan
Onmiddellijk schoten de schoentjes van haar voeten en ze dansten alleen - nou ja, met zijn tweeën - vrolijk verder. Karen viel doodvermoeid neer, maar krabbelde snel overeind. Ze holde naar huis op blote voeten, net als vroeger.
Nog nooit was ze zo blij geweest als toen ze zag dat de oude dame weer beter was. Diezelfde lieve dame die haar ooit van de armoede had gered!
Karen viel op haar knieën voor haar neer en zei dat ze ontzettende spijt had.
De oude dame gaf haar een dikke zoen op haar voorhoofd en zei: 'Het is goed. Ik heb het je al vergeven. Want volgens mij ben je nu van je ijdelheid genezen'.
En de rode schoentjes? Het schijnt dat die gewoon door zijn blijven dansen. Over straten en pleinen, door zon en regen... Misschien kom je ze nog wel eens tegen!
Er was eens, lang geleden, een meisje dat Karen heette. Ze had geen vader of moeder meer en zwierf helemaal alleen over straat. Met bedelen probeerde ze wat geld te verdienen. Zo kon ze elke dag een beetje brood kopen. Karen liep op blote voeten die bijna altijd pijn deden, want geld om schoenen te kopen had ze niet. Gelukkig had de vrouw van de schoenmaker medelijden met haar. Zij maakte een paar rode schoentjes voor het meisje. Daar was ze erg blij mee. Nu hoefde ze nooit meer op blote voeten over de harde keien of door de koude sneeuw te gaan. 'Er gaat niets boven mijn rode schoentjes,' zei Karen.
Op een gure winterdag stond Karen bibberend van de kou op het plein te bedelen. Plotseling stopte er een deftige koets. Er zat een chique, oude dame in met een prachtige hoed op.
Toen ze het meisje zo alleen zag, vroeg ze vriendelijk: 'Hoe heet je, lief kind?'
'Karen, mevrouw.'
'Moet je niet naar huis?'
'Ik heb geen huis, mevrouw.'
'Maar waar slaap je dan vannacht?'
Karen keek de dame aan en begon opeens te huilen. Ze wist echt nog niet waar ze zou slapen. Het was altijd ergens anders. Soms onder een brug. Soms in een portiek. Soms sliep ze zelfs helemaal niet...
De dame kreeg zo'n medelijden met het arme meisje dat ze zei: 'Stap maar in. Vanavond eet en slaap je bij mij.'
Eén nachtje werden twee nachtjes. Twee nachtjes werden er drie en op de vierde dag vroeg de lieve dame of Karen misschien voor altijd bij haar wilde blijven wonen. Het meisje wilde niets liever!
Ze kreeg heerlijk eten, droeg prachtige jurken en ging elke dag naar school. Haar oude rode schoenen waren allang in de vuilnisbak beland. Nu had ze mooie, zwarte lakschoentjes.
Maar Karen veranderde jammer genoeg niet alleen vanbuiten, maar ook een beetje vanbinnen. Ze vond zichzelf wel heel erg knap en stond vaak voor de spiegel. Dan paste ze mooie jurken en zette de grote, deftige hoeden van de oude dame op. Ze bekeek zichzelf van alle kanten. Daarbij danste ze de hele tijd, want Karen was gek op dansen.
'Oh, wat zie je er toch ongelooflijk mooi uit tegenwoordig,' zei ze al dansend tegen haar spiegelbeeld.
Op een dag bezocht de koningin de stad waar Karen woonde. De koningin had haar dochtertje bij zich en iedereen wilde het jonge prinsesje zien. Ook Karen ging kijken.
Het prinsesje zag er beeldig uit. Ze had een prachtige witte jurk aan waaronder ze schitterende rode schoentjes droeg. Karen kon haar ogen er niet van afhouden. Ze waren heel wat mooier dan de rode schoenen die ze zelf ooit gedragen had!
Niet lang daarna waren de zolen van haar zwarte schoenen helemaal versleten van het dansen. De oude dame gaf haar geld om een nieuw paar te kopen.
De schoenmaker had tientallen glanzende, nette schoenen, maar Karen liet haar oog vallen op een paar rode. Ze kocht ze en ging dansend van geluk op haar nieuwe schoentjes naar huis.
Maar de oude vrouw was er helemaal niet blij mee! 'Dat zijn dansschoentjes, Karen! Daar kun je echt niet mee naar school of naar de kerk! En morgen is het zondag, dus doe dan je oude zwarte lakschoentjes maar weer aan.'
De volgende ochtend deed Karen tóch haar nieuwe rode schoentjes aan. Ze kon het niet laten, ze stonden haar zó mooi!
Karen huppelde naar de kerk. Daar zat een oude soldaat voor de deur. Hij had een lange, rossige baard en maar één been.
'Kijk nou,' zei de soldaat, 'dat zijn toch geen schoenen om mee naar de kerk te gaan?' Hij tikte met zijn zwaard even licht tegen Karens schoentjes en zong:
Rode schoentjes om te dansen
Naar de kerk, da's niks gedaan
Blijf stevig zitten, rode schoentjes
Als jullie uit dansen gaan
Karen ging de kerk in, maar ze had steeds het gevoel dat iedereen naar haar voeten keek. En dat was ook zo. Rode dansschoenen in een kerk, dat kon echt niet! Maar Karen snapte niet waarom. Er ging toch niets boven rode schoentjes?
Een tijdje later zou er een groot dansfeest op het marktplein zijn. Karen verheugde zich er heel erg op en oefende nieuwe danspasjes voor de spiegel. Daarbij zong ze:
Kijk mij in die mooie jurk
Dat verveelt geen ogenblik
Kijk mij op die rode schoentjes
Niemand danst zo mooi als ik!
Maar op de dag van het feest werd de lieve oude dame erg ziek. De dokter kwam en zei dat ze zich maar goed moest laten verzorgen door Karen. Dat wilde het meisje natuurlijk ook wel, maar daardoor kon ze niet naar het feest... En ze wilde zo graag op haar rode schoentjes over het plein dansen!
Nu zat ze aan het ziekbed van de vrouw terwijl ze in de verte vrolijke dansmuziek hoorde.
Toen de oude dame in slaap was gevallen, deed Karen snel haar rode schoentjes aan en glipte het huis uit. Eventjes dansen, dat kon toch wel...?
Niet veel later zwierde ze over het plein. Ze voelde zich heerlijk! Ze danste en danste en voelde zich zo gelukkig dat ze helemaal vergat dat ze thuis nodig was.
Rond middernacht was het feest afgelopen.
Karen schrok toen ze dacht aan de zieke vrouw die al veel te lang alleen was. Ze moest snel naar huis! Maar... het ging niet! De schoentjes dansten uit zichzelf door! Karen kon er helemaal niets aan doen. Of ze wilde of niet, ze moest wel doordansen.
De schoentjes sleurden haar mee door de stad, over straten en pleinen, de hele nacht door. Ze dansten en dansten en hoe Karen er ook tegen vocht, ze kon niet anders dan dansen, dansen en nog eens dansen!
De volgende ochtend danste ze de stad uit, door de velden, langs dorpen en boerderijen. Ze danste langs kerken en kastelen, over bergen en door dalen en het was allesbehalve leuk!
Met voeten vol blaren kwam Karen uiteindelijk haar eigen stadje weer ingedanst. Bij de kerk zat de oude soldaat nog altijd op de stoep.
'Help me!' riep Karen uitgeput.
'Jij hield toch zo van dansen?' vroeg de soldaat.
'Jawel, maar de oude dame heeft me nodig!' riep Karen terwijl ze nog een pirouette draaide.
'Aha! Je kunt dus toch nog aan een ander denken,' zei de soldaat. En hij zwaaide met zijn zwaard terwijl hij zong:
Rode schoentjes om te dansen
Naar de kerk, da's niks gedaan
Laat maar los nu, rode schoentjes
Zodat ze gauw naar huis kan gaan
Onmiddellijk schoten de schoentjes van haar voeten en ze dansten alleen - nou ja, met zijn tweeën - vrolijk verder. Karen viel doodvermoeid neer, maar krabbelde snel overeind. Ze holde naar huis op blote voeten, net als vroeger.
Nog nooit was ze zo blij geweest als toen ze zag dat de oude dame weer beter was. Diezelfde lieve dame die haar ooit van de armoede had gered!
Karen viel op haar knieën voor haar neer en zei dat ze ontzettende spijt had.
De oude dame gaf haar een dikke zoen op haar voorhoofd en zei: 'Het is goed. Ik heb het je al vergeven. Want volgens mij ben je nu van je ijdelheid genezen'.
En de rode schoentjes? Het schijnt dat die gewoon door zijn blijven dansen. Over straten en pleinen, door zon en regen... Misschien kom je ze nog wel eens tegen!
Onderwerp
TM 0748C - De rode dansschoentjes   
Beschrijving
Weesmeisje moet op blote voeten bedelen tot de vrouw van de schoenmaker een paar rode schoentjes voor haar maakt. Een rijke dame mee haar mee naar huis, en geeft haar nieuwe kleren. Ze wordt zo ijdel dat ze geen zwarte schoenen koopt, maar rode. Als haar weldoenster ziek wordt gaat het meisje toch naar een feest. Daar kan ze niet ophouden met dansen, maar als een soldaat merkt dat ze berouw heeft spreekt hij een spreuk uit waardoor de schoenen losschieten.
Bron
Gerrie van Dongen en Ad Grooten: Sprookjes van de Efteling. Amsterdam 2009, p. 150-154
Commentaar
Gerrie van Dongen, archivaris van de Efteling, selecteerde de verhalen. Grooten is de creatieve tekstschrijver is, die ook scripts en songs voor Efteling musicals heeft gemaakt.
Naam Overig in Tekst
Karen   
