Hoofdtekst
HET HERT MET DE DRIE POTEN
Een paar jagers rijden een hert aan. Ze kijken hoe het dier eraan toe is en zien dat het nog maar drie poten heeft. Maar hoe ze ook zoeken, die vierde poot kunnen ze niet vinden. Omdat ze zeker weten dat het hert hoe dan ook ten dode is opgeschreven, geven ze het een genadeschot. Later komen ze de boswachter tegen en vertellen hem het verhaal. 'Dat hert met die drie poten?' zegt de boswachter. 'Maar die had al jaren drie poten en kon daar uitstekend mee leven.'
Een paar jagers rijden een hert aan. Ze kijken hoe het dier eraan toe is en zien dat het nog maar drie poten heeft. Maar hoe ze ook zoeken, die vierde poot kunnen ze niet vinden. Omdat ze zeker weten dat het hert hoe dan ook ten dode is opgeschreven, geven ze het een genadeschot. Later komen ze de boswachter tegen en vertellen hem het verhaal. 'Dat hert met die drie poten?' zegt de boswachter. 'Maar die had al jaren drie poten en kon daar uitstekend mee leven.'
Beschrijving
Een aantal jagers rijden een hert aan, ze zien dat het dier nog maar drie poten heeft. Omdat ze denken dat het hert het niet zal overleven, doden ze het. Later blijkt het dier al jaren goed met drie poten te hebben geleefd.
Bron
Peter Burger: De jacht op de veluwepoema. Amsterdam 2006, p. 199.
Commentaar
12 juni 1992
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20