Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0218 - 3.137.

Een sage (boek), (foutieve datum)

Hoofdtekst

3.137.
Lang geleden werd op het eenige vette plekje van Bakel n.l. in den tuin van den pastoor een mol gevangen. Niemand echter in heel Bakel had ooit zulk een dier gezien en het bericht zijner verschijning verwekte algemeene schrik en ontzetting. In allerijl werd de Gemeenteraad bijeengeroepen en aan de inmiddels saamgekomen leden het ondier vertoond. Op de vraag van den burgemeester of ook een der leden het gevangen dier kende volgde een algemeen stilzwijgen, totdat eindelijk een der leden het voorstel deed de zoon van Jan van den Heelakker te laten roepen die in dienst was geweest en bij 't vijfde in de Graaf had gelegen. Deze zou wellicht op de vreemde plaatsen waar hij geweest was een dergelijk dier hebben ontmoet of daarvan hebben hooren spreken. Zoo gezegd zoo gedaan. De gewezen soldaat werd geroepen en ondervraagd: Het scheen echter dat hij zijn diensttijd slecht besteed had en bovendien het weinige wat hij mocht geleerd hebben, weêr vergeten was. Althans na eerst getwijfeld hebben of het gevangen dier een ezel of wel een pelikaan was, verklaarde hij hetzelve niet te kennen, noch van aanzien, noch bij naam. Na dit antwoord begrepen de raadsleden wel dat het niet mogelijk zoude zijn ooit achter den naam van het gevangen dier te komen; dat het echter een gevaarlijk beest zijn moest daarvan waren zij overtuigd evenals zij het er over eens waren dat het een verschrikkelijken dood sterven moest.
Bij de beraadslaging over de wijze waarop het dier ter dood zoude worden gebracht stelde een der leden, die een slechte vrouw had voor het beest te laten trouwen. Andere echter die de onmogelijkheid hiervan inzagen spraken van verbranden, in stukken snijden, vierendeelen en andere liefelijkheden meer. Niets echter van dat alles mocht een algemeenen bijval verwerven tot dat een der leden na een lang en gewichtig nadenken, voorstelde het gevangen dier levend te begraven. Dit voorstel werd met toejuiching begroet en met algemeene stemmen aangenomen. In den tuin van den pastoor werd een diep gat gegraven en daarin het arme (?) dier nedergelaten en met aarde overdekt,waarna de raadsleden met verlichte gemoederen huiswaarts keerden.

Onderwerp

AT 1310B - Burying the Mole as Punishment    AT 1310B - Burying the Mole as Punishment   

ATU 1310B - Burying the Mole as Punishment    ATU 1310B - Burying the Mole as Punishment   

Beschrijving

In Bakel wordt een dier gevangen waarvan niemand de naam kent. De Raad besluit dat het dier ter dood veroordeeld moet worden. Alle voorstellen over de wijze waarop worden verworpen tot iemand voorstelt het dier levend te begraven.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 135-136

Motief

K581.3 - Burying the mole as punishment.    K581.3 - Burying the mole as punishment.   

Commentaar

Motief: K581.3 Burying the mole as punishment
inv. no. B2.3 (zie 3.140) AT 1310B Burying the Mole as Punishment
3. Sprookjes en natuurgeloof. Verhalen vanuit Helmond verzameld
Verhalen, sprookjes, anekdoten en mededelingen over volksgeloof, verzameld en/of opgetekend door August Hendrik Sassen. Uit zijn handschriftenverzameling, berustend in de bibliotheek van het Provinciaal Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant te 's Hertogenbosch.
Sassen werd geboren te 's Hertogenbosch op 6 maart 1853. Hij was archivaris en notaris te Helmond, en overleed op 22 juni 1913 te 's Gravenhage (zie Juten & Juten 1913, A.F.O. van Sasse van Ysselt 1914). Hij was de stuwende kracht achter het volkskundig onderzoek in Noord-Brabant aan het einde van de vorige eeuw. Om dit te bevorderen stichtte hij onder meer twee tijdschriften: het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde, en de Noordbrabantsche Almanak. Jaarboekje voor Noordbrabantsche geschiedenis, taal- en letterkunde.
Beide tijdschriften moesten evenwel na elkaar wegens financieële moeilijkheden stopgezet worden (zie ook de Inleiding). Door zijn werk, zijn vele activiteiten (hij was o.a. gemeenteraadslid van Helmond, regisseur van jeugdtoneelstukken, voorzitter van de vereniging tot drankbestrijding; en commandant van de plaatselijke schutterij), en zijn vroege dood is het hem niet gelukt de vele aan hem toegezonden en door hemzelf verzamelde gegevens over o.a. taalkunde, volksgebruiken, boerenalmanakken, kinderrijmen en spelen, en volksliederen zelf tot een of meerdere boeken te verwerken (zie voor verdere biografische gegevens Knippenberg 1952).
Een deel van zijn handschriftenverzameling bevindt zich te 's Hertogenbosch. Dit werd in 1943 en 1944 gerubriceerd en gecatalogiseerd. Het hier gepubliceerde deel daarvan werd eerder grotendeels, al dan niet in bewerkte vorm, bekend gemaakt door J.R.W. Sinninghe, zij het zonder opgave van inventarisnummer. Een aantal van de door Sinninghe aan Sassen toegeschreven verhalen is evenwel niet meer in 's Hertogenbosch te vinden, o.a. Sinninghe 1978: 16 (gloeiige te Duizel), 21 (dwaallichten), 36 (zelfmoordenaar in gedaante hond te Boxmeer), 45 (spookhaas te Mierlo), 81-83 (heksen in de gedaante van een kat), en 100 (weerwolf te Breda). Het wachten is op een volledige publicatie van het nog in 's Hertogenbosch aanwezige materiaal.
Burying the Mole as Punishment

Naam Overig in Tekst

Jan van den Heelakker    Jan van den Heelakker   

Gemeenteraad    Gemeenteraad   

Naam Locatie in Tekst

Bakel    Bakel   

Graaf    Graaf   

Plaats van Handelen

Bakel (Noord-Brabant)    Bakel (Noord-Brabant)   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20