Hoofdtekst
Mijn vader was vroeger molenaar op een wipmolen in Vlist (1). Je kon bij ons vandaan tot in Hoenkoop kijken. Mijn vader vertelde wel, dat je de dwaallichtjes 's avonds kon zien aankomen uit de verte over het vlakke land. 't Beurde ook wel eens als de molen stilstond, dat die dwaallichtjes bleven staan op de punten van de molenwieken, op de punten van de roeien. Ze zeiden altijd, dat dwaallichtjes de zielen waren van ongedoopte kinderen.
(1) Deze molen bemaalde de polder Vlist Oostzijde, stond langs de Oostelijke Vlistkade even voor de Stokkebrug en is thans vervangen door een gemaal.
(1) Deze molen bemaalde de polder Vlist Oostzijde, stond langs de Oostelijke Vlistkade even voor de Stokkebrug en is thans vervangen door een gemaal.
Onderwerp
SINSAG 0182 - Wiedergänger als Irrlicht   
TM 4905 - Dwaallichten (stalkaarsen)   
Beschrijving
De vader (een molenaar) van de vertelster vertelde dat je dwaallichtjes 's avonds kon zien aankomen uit de verte over het vlakke land. Het gebeurde ook wel eens dat, als de molen stilstond, die dwaallichtjes bleven staan op de punten van de molenwieken. Ze zeiden altijd dat dwaallichtjes de zielen waren van ongedoopte kinderen.
Bron
Henk Kooijman: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988.
Commentaar
27 november 1962
Wiedergänger als Irrlicht
Naam Locatie in Tekst
Vlist   
Hoenkoop   
Plaats van Handelen
Vlist (Zuid-Holland)   
