Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

- In graancirkelkringen

Een (), (foutieve datum)

Onderwerp

TM 6002 - Cirkels in het graan    TM 6002 - Cirkels in het graan   

Beschrijving

Cirkels in het graan

Tekst

Sinds het einde van de jaren '70 van de 20e eeuw zijn er graancirkels gevonden, om te beginnen in het zuiden van Engeland. Het begon in 1978 met eenvoudige cirkels in het graafschap Hampshire – en juist die hebben aanleiding gegeven tot de gedachte aan landingen van ufo's. Vanaf 1990 veranderden de graancirkels en cirkelreeksen in ware pictogrammen, waarvan de eerste in het graafschap Wiltshire werd aangetroffen. Die pictogrammen konden niet langer een afdruk van een geland toestel zijn, maar wel degelijk boodschappen van buitenaardsen, vanuit de lucht geschreven in het graan. In Nederland zijn de ontwikkelingen overigens trager verlopen: in 1986 werd de eerste cirkel ontdekt nabij Usselo (Overijssel), en pas vanaf 1993 ontstonden de eerste pictogrammen - de eerste in Ubachsberg, Limburg. Graancirkels zijn zeer tijdelijke fenomenen. Ze ontstaan in de zomerse vakantiemaanden juli en augustus - al bestaan er in andere seizoenen naar verluid ook cirkels in het gras en zelfs in het ijs - als het koren wuift. Wat het verschijnsel graancirkel boeiend maakt, is dat er talloze groepen bij zijn betrokken, die allemaal hun eigen belangen en beleving hebben – soms diametraal tegengesteld aan elkaar. We kunnen globaal de volgende zeven groepen onderscheiden: 1. De boeren. In hun graanveld komt de cirkel tot stand. Voor de boeren betekent de cirkel in de eerste plaats schade, afhankelijk van de omvang variërend van enkele honderden tot enkele duizenden euro's. Niet alleen kan het platgeslagen graan van de cirkel niet geoogst worden, de zogenaamde cirkeltoeristen komen vaak nog meer gewassen vertrappen. De boeren stellen zich meestal op een tamelijk nuchter standpunt: in hun optiek is de graancirkel 's nachts door mensen gemaakt. Soms speelt de boer onder één hoedje met de cirkelmakers, zoals het geval is geweest in 1997 en 1999 in Nieuwerkerk (Schouwen-Duiveland). 2. De cirkelmakers. Volgens de 'gelovigen' is er een onderscheid tussen een 'echte cirkel' en een cirkel die door mensenhand is vervaardigd. Een 'echte cirkel' zou van bovenaardse oorsprong zijn. Als een cirkel door mensen wordt gemaakt, dan hebben de makers er veelal alle belang bij om dit geheim te houden. Makers zitten niet te wachten op een schadeclaim van de boer. Graancirkels worden wel beschouwd als anonieme kunstvormen ('agrarische graffiti'). Naast kunst kan de cirkel bedoeld zijn om een geloofsovertuiging uit te dragen: de cirkel is dan een getuigenis van het bovenaardse of esoterische (zie: 5. De adepten). Sommige graancirkelmakers - in dit geval wel 'hoaxers' geheten - zijn er bewust op uit om de zogenaamde 'graancirkel-onderzoekers' of 'graancirkel-experts' om de tuin te leiden. Door geen sporen achter te laten, kunnen de experts denken dat het om een 'echte cirkel' gaat. De makers wachten soms op een verklaring van de experts, om zich vervolgens bekend te maken, om daarmee de deskundigheid van de experts in diskrediet te brengen. De beroemdste hoaxers zijn wel de Britten Douglas Bower en David Chorley, die in 1991 in de tabloid Today bekenden jarenlang talloze graancirkels te hebben gemaakt. Eén van de makers die zich in Nederland in 1999 bekend maakte, is Remko Delfgaauw uit Zierikzee, die met zijn vrienden verantwoordelijk was voor het Gouden Tunnel-project (1997) en het Fe-male Project (1999) te Nieuwerkerk. Zie op internet: http://www.skepsis.nl/cirkelmakers.html Zie voor de internationale beweging de Engelse site: http://www.circlemakers.org/ 3. De journalisten. Als een boer ruchtbaarheid geeft aan de graancirkel, of als de cirkel door mensen is waargenomen, dan zijn met name de visuele media er als de kippen bij om het fenomeen vast te leggen. De berichtgeving in kranten en op televisie ademt veelal de geest van de komkommertijd. Veelvuldig wordt de cirkel afgebeeld met een sensationele of suggestieve tekst erbij. Woorden als 'mysterie' en 'raadsel' vallen regelmatig, en de journalisten hebben er kennelijk belang bij om een connectie met buitenaards bezoek tenminste te suggereren. 4. De cirkeltoeristen. Zodra via gerucht of de media bekend is geworden dat er een graancirkel te zien is, wordt de plek bezocht door nieuwsgierigen en verveelde dagjesmensen. Onder hen bevinden zich evengoed sceptici als (lichte) gelovers. Ze komen naar de cirkel uit belangstelling, vooral om eens wat bijzonders te zien. 5. De cirkel-adepten. Zo zou ik de hardcore 'gelovigen' willen aanduiden. Zij komen bijvoorbeeld naar de cirkel omdat deze getuigt van buitenaardse intelligentie. Voor anderen is de cirkel een bijzondere manier om met de oerkracht van Moeder Aarde in contact te komen. Weer anderen zijn ervan overtuigd dat ze er aardstralen kunnen opvangen. Er komen er ook wel naar de graancirkels om te mediteren of om de didgeridoo te bespelen. Zieke adepten komen om genezing te zoeken in het energieveld van de cirkel. De adepten vormen een interessante groep, omdat graancirkels bij hen veelvuldig deel uitmaken van een veelomvattend, esoterisch wereldbeeld. De cirkels maken slechts een klein onderdeel uit van hun kosmologie, die veelal wortelt in wat we wel New Age noemen. Naast graancirkels komen we in hun verhalen tegen (om maar eens wat te noemen): ufo's, Atlantis, sjamanisme, (klop)geesten, wicca, natuurwezens, reïncarnatie, piramides, astrologie, tarot, enneagrammen, aura's, feng-shui, wichelroedelopen, spiritisme en homeopathie. Het shoppen in de supermarkt van geloofsbelevingen zien we steeds vaker optreden – ook bij mensen met bijvoorbeeld verantwoordelijke banen in het bedrijfsleven en bij de overheid. Bij deze groep mensen zijn de boeiendste verhalen en de meest verrassende culturele verbanden te vinden. Een internetsite voor de liefhebbers is: http://cropcircleconnector.com 6. De graancirkel-experts. Zodra er een graancirkel is aangetroffen, komen zij langs om onderzoek te doen. In feite betreft het hier selfmade-experts; het zijn althans geen wetenschappers of academici met een op het onderwerp toegesneden opleiding. Het onderzoeken van de cirkels is een hobby en geschiedt in de vrije tijd op eigen kosten. Hun centrale onderzoeksvraag is telkens: hebben we te maken met een 'echte cirkel' of met een 'namaak cirkel'? Namaak zijn de cirkels die volgens de experts door mensenhand zijn gemaakt: deze cirkels hebben meteen afgedaan en zijn voor hen niet interessant. Zij hebben belang bij een 'echte cirkel': eentje waarvan niet kan worden aangetoond dat hij door mensen is gemaakt. Daarbij wordt de mogelijkheid dus opengelaten dat de cirkel is gemaakt door een 'BOL' (Ball Of Light), door energie- of ley-lijnen in het landschap, of door een ufo. Pictogrammen moeten daarbij eigenlijk altijd abstract en moeilijk te decoderen zijn. Zodra het pictogram de herkenbare vorm aanneemt van een auto, een fiets, een hart of een hakenkruis, dan vindt iedereen dat het mensenwerk is. De methoden van de experts hebben wel degelijk wetenschappelijke pretenties: zij komen de cirkel nauwkeurig opmeten, tekenen minutieus de vormen op, nemen proeven van de aren binnen en buiten de cirkel, kijken of de aren ongebroken en in een regelmatig patroon liggen et cetera. Voorts gaan zij op zoek naar sporen (van laarzen en gereedschap bijvoorbeeld). Verklaringen worden niet altijd bij het buitenaardse gezocht: recentelijk wordt verondersteld dat ook magnetische en atmosferische fenomenen (die met vreemde lichtverschijnselen gepaard gaan) graancirkels zouden kunnen laten ontstaan. Tot de experts behoren onder meer Ed Vos, Rudi Klijnstra, Robert Boerman, Herman Hegge, Eltjo Haselhoff, Janet Ossebaard, Bert Janssen en Jan Willem Bobbink. Ed Vos beheert de Dutch Cropcircle Website (DCW), en claimt het oudste archief te hebben. De aan de DCW gelieerde yoga-leraar Klijnstra schreef Graancirkels: codes uit een andere dimensie en In de ban van de cirkel; Graancirkels in de Lage Landen. Boerman is woonachtig in het Gelderse Brummen en is voorzitter van het Dutch Crop Circle Archive (DCCA) van de Stichting Ptah. Van zijn hand verscheen onder andere het boek Crop Circles, Gods and Their Secrets. Hegge geeft het tijdschrift Frontier Magazine uit (voorheen Frontier 2000), en is co-auteur van het boek Boodschappen uit de Kosmos. Verder is Hegge oprichter van de Frontier Sciences Foundation en sinds 1994 oprichter en inmiddels al weer oud-voorzitter van de Nederlandse tak van het internationale Center for Crop Circle Studies (DCCCS). Het voorzitterschap van Hegge is hierna overgenomen door de Eindhovense fysicus dr. ir. Haselhoff, die de boeken Het raadsel van de graancirkels en The Deepening Complexity of Crop Circles; Scientific Research & Urban Legends publiceerde. Een ander lid van de DCCCS is Bert Janssen, die zich manifesteert als publicist, documentairemaker en onderzoeker, ook van veel meer grenswetenschappelijke fenomenen dat alleen graancirkels. Janssen is overigens van mening dat graancirkels door mensen worden gemaakt, zij het op paranormale wijze (The Hypnotic Power of Crop Circles). Janet Ossebaard is de nieuwste voorzitter van de DCCCS en schreef onder meer het boek Graancirkels; Een wereldwijd mysterie. De jonge onderzoeker en wichelroedeloper Bobbink heeft zijn onderzoek vooral vanuit de DCCA verricht. Een medium dat sterk zich in graancirkelkringen graag manifesteert maar nergens aan gelieerd is, is het medium Robbert van den Broeke uit Hoeven (NB). Internetsites: http://www.dcca.nl (In de loop der tijd zijn veel Nederlandse sites over graancirkels verdwenen met de afname van het fenomeen in Nederland en van de algehele belangstelling ervoor) 7. De sceptici. Zij worden ook wel de 'debunkers' genoemd omdat ze – net als bij de moderne urban legends wel gedaan wordt – de waarheid van de adepten en experts (proberen te) ontkrachten en ontkennen. Zoals de adepten en experts er belang bij kunnen hebben de graancirkels in een esoterische en holistische kosmologie in te passen, zo hebben de sceptici er (vanuit hun sterk technologisch-westerse invalshoek) belang bij om de in hun ogen zweverige en fantastische theorieën naar het rijk der fabelen te verwijzen. Zij komen met 'nuchtere' en praktische verklaringen, vanuit de optiek: wat je niet kunt waarnemen, dat bestaat ook niet. Tot de uitgesproken sceptici behoren Rob Nanninga en Marcel Hulspas. De sceptici hebben zich verenigd in de stichting Skepsis, en het tijdschrift dat zij uitgeven heet Skepter. Zie op internet: http://www.skepsis.nl/ Zo goed als de adepten en expert met argusogen in de gaten worden gehouden door de sceptici, zo goed worden ook de sceptici weer in de gaten gehouden door de adepten en de experts; laatstgenoemden bedienen zich wel van de naam Scepticwatchers. Het spreekt voor zich dat met name de boeren en de cirkelmakers elkaars opponenten kunnen zijn. Ook de adepten en experts enerzijds en de sceptici anderzijds kunnen lijnrecht tegenover elkaar staan. De graancirkel is voor het etnologische onderzoek een arena, waarin spelers met verschillende belangen, opinies en belevingen het narratief tegen elkaar opnemen.

Literatuur

De Blécourt 1995; Boerman 2000; Brendel 1998; Brummelman 1998; Dégh 1977; Dégh, & Vázsonyi 1976; Delfgaauw 1999; Delgado & Andrews 1989 en 1990; Hanegraaf 1996; Haselhoff 1998, 2000 en 2001; Hegge & Hesemann 1995; Bert Janssen: The Hypnotic Power of Crop Circles (Enkhuizen 2004); Klijnstra 1996 en 2000; Nanninga 1996 en 1999; Ossebaard 2000; Roosendaal 1997; Sanarov 1981. Theo Meder rondde zijn onderzoek naar graancirkels af in 2006 met het boek In Graancirkelkringen. Een etnologisch onderzoek naar verhalen uit de grenswetenschap. Het zal niet specifiek aan de verschijning van dit boek hebben gelegen, maar feit is wel dat na 2006 er in Nederland bijna geen graancirkels meer gevonden werden en dat de belangstelling voor het fenomeen zienderogen af nam.