Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DYKFRIES2270 - Voortekens

Een sage (boek), 1896

Hoofdtekst

Waar men des avonds vóór het naar bed gaan het laatst aan denkt, daar droomt men des nachts van.
Er zijn menschen, die, wanneer zij op de linkerzijde liggen te slapen, droomen van dingen, die tot het verleden behooren, maar op de rechterzijde liggende, van toekomende dingen of althans van iets, dat beteekenis heeft voor de toekomst en ook nakomt.
Droomt iemand dat hem de tanden uitvallen, dan sterft er binnen kort een zijner kennissen. Zoo ook, wanneer hij droomt van visch of van schoon linnengoed.
Droomt men van vette aal, dan komt er in den omtrek een sterfgeval. Anderen zeggen: dan moet een onzer nabestaanden sterven. Weêr anderen voorspellen alleen dat men ter begrafenis zal worden verzocht, en dit kan geschieden bij den dood van een kennis, zoowel als van een familielid.
Droomt men van een bruiloft, dit beteekent eene aanstaande begrafenis in de familie, en omgekeerd beteekent het droomen van eene begrafenis, dat men eerlang eene bruiloft zal bijwonen.
Het droomen over hondengeblaf beteekent sterven. Zoo ook het droomen over paarden. Dit kan ook de beteekenis hebben van groot nieuws, dat men te hooren zal krijgen en tevens dat men met valsche menschen omgaat. Dit laatste is altijd de beteekenis van droomen over katten.
Droomt iemand dat hij vliegt, dan zal hij worden opgehangen.
Droomen over geld is een voorteeken van twist. Ook kan het beteekenen, dat men iets zal verliezen tengevolge van onverwachte nadeelige omstandigheden.
Als vrienden of vriendinnen elkander een speld geven, versteken zij de vriendschap en er zal vijandschap volgen. - Het ronddraaien van een mes op tafel voorspelt twist. - Wordt in een gezelschap rookers bij herhaling eene lange goudsche pijp gebroken, dan zal er twist ontstaan.
Geeft een vrijer zijn meisje of het meisje haren vrijer een mes ten geschenke, dan wordt de liefde afgesneden.
Liggen op tafel twee messen of vorken kruiswijs over elkander, dan komt er twist.
Zet het afloopend smeer eener brandende kaars een krul, dan zal er een ongeluk gebeuren.
Ligt in de spijskast of op de tafel een brood op zijde, dan ligt de kostwinning op zijde en er ligt ook een schip in zee op zijde.
Het vallen van gereedschap beteekent dat er drukte in huis op handen is.
Jeukt iemand de neus, hij krijgt brandewijn of misschien twist. Het kan ook zwarigheid beteekenen. Hij kan ook iets te ruiken krijgen dat kwalijk geurt.
Wanneer het vuur op den haard gaat spatten en knetteren, ontvangt men binnen kort bezoek.
Valt van een opgestapelden turf hoop een gedeelte af, zoodat de turven over den zolder rollen, dan krijgt men onverwachte gasten. Evenzoo als er eksters om het huis vliegen.

Een gloeiend puntje van de pit eener lamp of kaars naar iemand toegekeerd, beteekent, dat hij een brief zal ontvangen. Wanneer van de pit eener brandende kaars of tuitlamp eene vonk afvalt, heeft men binnen kort een brief te verwachten. (Men bedenke hierbij dat in vroeger dagen bij vele menschen het ontvangen van een brief eene zeldzaamheid was).
Jeukt iemand de rechterhandpalm, hij zal geld ontvangen; jeukt de linker, hij zal geld moeten uitgeven.
Het kittelen der neusgaten beteekent dat men spoedig een bezoek zal ontvangen van iemand wien men zelden ziet. - Gloeien iemand de wangen dan wordt hij ergens in de nabijheid besproken. Gloeit een meisje de rechterwang, dan wordt zij geprezen; maar gelaakt als de linkerwang gloeit. Het suizen der ooren beteekent ongeveer hetzelfde. Zoo ook het jeuken van een oor.
Als iemand in huis al spelende een stoel op één poot laat ronddraaien is er drukte te verwachten door veel bezoek, meer dan het hoofd des gezins aangenaam is.
Drijft in iemands kopje thee een steeltje horizontaal, hij zal een brief ontvangen; drijft het rechtstandig, er zal een ongeluk gebeuren. Een rechtstandig steeltje beteekent ook dat men een bezoek te wachten heeft. Voor een meisje beteekent het een vrijer, die kort of lang van gestalte zal zijn al naar het steeltje kort of lang is. Krijgt zij dit op een zondagnamiddag in hare thee, dan komt de vrijer reeds denzelfden avond.
Komt op de thee bij het inschenken een luchtbelletje drijven, dat naar het midden trekt, dan komt er geld. Speelt de persoon wien dit aangaat, in de loterij, dan is de trek aanstaande.
Komt er 's morgens aan het eerste haardvuur toevallig een hoekturf, dit beteekent dat men in den loop van den dag bezoek van vreemden zal krijgen. Hetzelfde heeft men te verwachten, wanneer reeds vroeg op den dag de huiskat zich ijverig reinigt.
Vindt de boer in zijnen stal zes liggende koeien op een rij allen met den kop naar denzelfden kant gericht, dit voorspelt hem dat hij binnen kort bezocht zal worden door iemand, die in geen zes weken bij hem aan huis is geweest. Deze zal de deur inkomen naar welke de koppen der zes liggende koeien zijn gericht.
Het jeuken der oogen beteekent schreien.
Ziet men den eersten ooievaar of zwaluw op de rechterzijde aan, dan krijgt men een gelukkigen zomer. Het tegenovergestelde voorspelt ongeluk. Van den ooievaar vertelt men ook: ziet men hem voor 't eerst, terwijl hij staat, dan zal men den zomer meest tehuis doorbrengen; ziet men hem in de vlucht, dan zal men veel reizen doorbrengen; ziet men hem in de vlucht, dan zal men veel reizen en uit plezieren gaan. - Verder zegt men: <<Waar de ooievaren nestelen, sterven geen menschen, ook geene kraamvrouwen.>> Maar dit is eene woordspeling: immers de ooievaren nestelen in de hoogte, op plaatsen waar zelden een mensch komt.
Een klein spinnetje, dat soms in een vertrek naar beneden komt zakken, is een gelukspinnetje. Daalt het tot voor iemands gelaat, dit voorspelt hem geluk, vooral wanneer het voor den middag geschiedt; 's namiddags kan het wel ongeluk beteekenen. Wie zulk een diertje doodt, wordt ongelukkig.
Men moet niet met den vinger naar de maan of naar de sterren wijzen: de vinger zou stijf kunnen worden; anderen zeggen: men zou een houten vinger krijgen.
Heeft men op zijn huis een ooievaarsnest waarin ook zwaluwen nestelen, dit brengt geluk aan.
Gelukbeentjes zijn kleine witte beentjes, hard en glad, zooals er twee in een schelvischkop zitten. Zulk een beentje, steeds bij zich gedragen, waarborgt geluk. Verliest men er een, dan zal men iets vinden. Ook wie een gelukbeentje in zijn schoen of klomp doet, zal iets vinden.
Op de plaats waar men een klavervier vindt, zit geld in den grond begraven. Wie een klavervier bij zich draagt, is gevrijwaard voor ongelukken en kan tevens alle tooverij zien.
Aan het roepen van den roerdomp kan men den prijs der rogge weten. Elke roep dien hij doet is een gulden het lopen (eene voormalige korenmaat van 80 liter), en doet hij een klein roepje na, dat is een halve gulden.
Ontvangt een meisje in haar stoof een kool vuur die nog rookt, dan krijgt zij een weduwnaar tot man.
Wie een dwarl in het hoofdhaar heeft, krijgt eene rijke vrouw.
Ongehuwde mannen, die gaarne een pijp tabak of sigaar aan eene brandende lamp of kaars opsteken, zullen eene slordige vrouw krijgen.
Is in een gezelschap eene vrijster de eerste die iets van een onaangesneden pond boter snijdt, dan zal zij binnen het jaar bruid zijn.
Een vrijer, die een knoop aan den broek laat zetten, terwijl hij dien aanheeft, wordt nog in geen zeven jaar bruidegom.

Een meisje, haar kouseband verliezende, verliest haren vrijer.
Koude handen en het zachte knappen der vingergewrichten bewijzen dat iemand verloofd is.
Stort eene vrijster of jonge vrouw bij ongeluk vocht in haren schoot, dit beteekent: een <<woudreis>> binnen het jaar.
Eet een meisje of jonge vrouw kapjes van wittebrood, dan krijgt zij dikke borsten.
Bij jeugdige ongehuwde personen duidt het aantal witte stipjes op de nagels hunner vingers, en dat der vouwen in hunne handen het getal kinderen aan dat zij zullen krijgen.
Uit de trekken in de handpalm leest men: <<Memento mori!>>
Iedere witte stip op de nagels wijst eene uitgesproken leugen aan.
Wil iemands haar niet branden, dan is hij veeg = doodsgevaarlijk. - Menschen, die al loopende ter zijde van den weg of het pad wijken, zijn veeg. - Zoo ook hij die op eene begrafenis onder den spiegel komt te zitten. - Krijgt een kind, terwijl het aan de moederborst zuigt, een aanval van stuipen (tormijn), en blijft het zog der moeder vast zitten, dan zijn beide veeg. - Komt iemand onverwacht in een gezelschap, waar men juist bezig is over hem te spreken, dan zegt men: hij is nog niet veeg. Zoo ook wanneer men iemand ziet loopen of staan, nadat men pas over hem heeft gesproken. Wanneer iemand iets onderneemt, doet of zegt wat men in het geheel niet van hem gewoon is, zegt men, dat hij zeker veeg is. - Gaat aan een gezond mensch eene koude rilling over de leden, dan loopt er op dat oogenblik iemand over zijn toekomstig graf. - Bloedt iemand drie droppels uit den neus, dit beduidt dat een zijner bloedverwanten of vrienden binnen kort dit beduidt dat een zijner bloedverwanten of vrienden binnen kort zal sterven. - Vliegen er zwarte kraaien om den schoorsteen, dan zal sterven. Vliegen er zwarte kraaien om den schoorsteen, dan heeft men een sterfgeval in huis te verwachten.
Springt in den morgenstond een ekster om het huis rond, dit voorspelt ongeluk of een sterfgeval. Zeker man zag op een morgen zulk een vogel voor zijn venster en verloor kort daarop een kind. Later kreeg hij weêr een dergelijk bezoek, en zijne vrouw werd ziek. Nu nam hij zijn schietgeweer, doodde den vogel en redde zoo het leven zijner vrouw. Thans zag hij in, dat hij op die manier zijn kind ook bad kunnen behouden.
Een zwarte hond, die bij avond om het huis loopt snuffelen, voorspelt den dood.
Als des avonds een uil schreeuwt of een hond spoekgûlt = spo ok-huilt (op zijn achterdeel zit te janken, met opgeheven kop) dan is er in de buurt een sterfgeval te verwachten. Genoemde dieren zitten aan den weg waarlangs de begrafenistrein zal komen. De kop van den jankenden hond is gericht naar het huis, waarin de dood zal komen.
Blijft in den nacht de huisklok staan, dan zal er een ongeval komen, waarop men geheel onvoorbereid is: in den regel een sterfgeval. Hetzelfde heeft men te wachten, wanneer de wekker eener friesche huisklok in den nacht afloopt vóór den bestemden tijd, of zonder dat men er op had gerekend. Als het klokswicht valt met den kop naar de deur, dit beteekent een sterfgeval, met den kop van de deur, af: een bruiloft.
Het maken van zijn testament kan iemands sterven verhaasten. Ook als hij <<vernoemd>> wordt, d.i. als men zijn naam aan een jonggeborene in de familie geeft, kan dit voor hem dezelfde uitwerking hebben.
Velen meenen te kunnen hooren dat het luiden der torenklok soms iets anders klinkt dan gewoonlijk. Zij zeggen dan, dat de klok <<doodelijk>> luidt, of: <<er hangt een doode aan de klok>>, en vragen elkander af: <<wie zou nu weêr aan de klok hangen?>> Dit wil zeggen: Wie zou nu binnen kort moeten sterven ? Want hiervan is dat <<doodelijk>> luiden het voorteeken.
Ziet men op het gelaat van een lijk de trekken der blijmoedigheid, dan noemt men het een <<bliere deade>> = blijmoedigen doode. Dit verschijnsel is een bewijs van het <<wel aanlanden>> der ziel van den overledene, maar voorspelt tevens dat er spoedig meer sterfgevallen in de familie zullen voorkomen.
Heeft men een krekel in huis en laat deze zich dikwijls hooren, dit voorspelt, evenals het horlogetikken van het houttorretje, eerlang een sterfgeval in huis.
Wie voor iemand bestemd is tot zijne wederhelft, met die zal hij eens moeten trouwen; en waar hij sterven moet, daar zal hij sterven.
Laat men zwaluwen in of aan zijn huis nestelen, dan heeft men daar welvaart op te verwachten. Wie ooievaars of zwaluwen stoort of hunne nesten vernietigt, zal worden gestraft met rampen en plagen. Ook houtduiven moet men niet van zijn schoorsteen verjagen, want zij brengen vrede en geluk aan.
Komt er een zwarte vogel van buiten tegen het vensterglas vliegen, dan volgt er een sterfgeval. (Ameland.)

Als een muziekinstrument in huis bij nacht toonen laat hooren, komt er ongeluk.
Springt er een rat over boord van een schip, terwijl het uitvaart, dan zal het schip vergaan.
Krijgt iemand op zijn ziekbed de hik, dan is hij voor dit leven verloren.
Menschen die, als zij zich te slapen leggen, de handen boven het hoofd samenvouwen, zullen den dood in het water vinden.
Wordt van een tweelingspaar één ziek, dan gevoelt ook weldra de ander zich ongesteld. Sterft de een, dan zal de ander niet lang meer leven. - Eene vrouw die een tweelinge is, zal vrij zeker ook tweelingen ter wereld brengen.
Het neusbloeden eener zwangere vrouw is een zeker teeken dat haar kind bij de geboorte zal sterven. - Het prikkelen der borsten eener zogende vrouw, terwijl zij van haar zuigeling verwijderd is, bewijst haar dat het kind tehuis ontevreden is omdat het naar zog verlangt. - Slaat een pasgeboren kind niet dadelijk de oogen open, dan is het veeg. - Begint het niet dadelijk te schreien dan zal het een idioot zijn. - Heeft een jonggeboren kind een scherpe bovenlip, dan zegt men : het heeft een broodlip. Het zal dan, groot geworden, veel van brood houden en over het algemeen een liefhebber van eten zijn. Men voorspelt aan zulk een kind een lang leven. - Een buitengewoon voordeelig opgroeiend kind wordt niet oud. Vooral een zoogenaamd wonder, dat vroeger dan anderen reeds knap kan praten en daarbij blijken geeft van buitengewone schranderheid, is gevaarlijk om te sterven eer het groot is. - Kleine kinderen die, als men ze te slapen legt, zich omwentelen om op den buik te liggen, worden niet oud. - Wie als bakerkind de spruw niet heeft gehad, zal deze op zijn sterfbed krijgen.

Beschrijving

Opsomming van verschillende soorten voortekens, zowel gunstig als ongunstig, die uit een geobserveerd fenomeen kunnen worden afgeleid.

Dromen en hun betekenis, vooral in combinatie met een stergeval of wanneer er twist ontstaat. Voortekens die wijzen op (onverwacht bezoek) dat binnenkort zal langskomen. Jeukende ledematen en de betekenis daarvan. Voortekens die met thee drinken te maken hebben.Voortekens die geluk of juist ongeluk brengen. De roep van de roerdomp die de prijs van de rogge zou voorspellen. Voortekens over het huwelijk en de liefde. Witte stipjes op de nagels en de betekenis daarvan. Wanneer men iemand veeg (= doodsgevaarlijk) vindt. Dieren en dierengeluiden die wijzen om ongeluk of sterfgevallen. Stilstaande klokken, andere uurwerken en het luiden van klokken kunnen een naderend sterfgeval aankondigen. Dieren die voor welvaart staan, maar niet gestoord moeten worden anders komt er ongeluk van. Voortekens over zwangere vrouwen, pasgeboren en jonge kinderen. Overige voortekens.

Bron

Waling Dykstra: Uit Friesland's volksleven van vroeger en later: volksoverleveringen, volksgebruiken, volksvertellingen, volksbegrippen. Leeuwarden [1896], deel 2, p. 238-244.

Naam Locatie in Tekst

Ameland    Ameland