Hoofdtekst
M'n vrouws vader woonde vroeger in Honkoop. Toen wazze ze op weg, ze liepe zo'n beetjie. ,Joh, gaat effe op zij", zee m'n vrouws vader toen. Nee, daar wouwe ze niet an. ,Je zit temee zo van de dijk". Toen ging het volk op zij. Want hij zag het wel, maar de andere niet.
(Mevrouw Stolwijk)
"Op zij, op zij" , zee m'n vader, "d'r komt een begrafenisstoet". Dat is in Hoenkoop gebeurd. Een hele lijkstoet. "Lope jullie maar op zij"
(Mevrouw Stolwijk)
"Op zij, op zij" , zee m'n vader, "d'r komt een begrafenisstoet". Dat is in Hoenkoop gebeurd. Een hele lijkstoet. "Lope jullie maar op zij"
Onderwerp
SINSAG 0481 - Leichenzug gesehen   
Beschrijving
Kees Stolwijk vertelt dat de vader van zijn vrouw vroeger in Honkoop woonde. Toen ze ergens liepen, zei haar vader ineens dat iemand op zij moest gaan. Dat wilden ze niet. Hij zag wel wat eraan kwam en de andere niet.
Mevrouw Stolwijk vertelt dat haar vader riep dat ze op zij moesten gaan. Er kwam namelijk een begrafenisstoet aan.
Mevrouw Stolwijk vertelt dat haar vader riep dat ze op zij moesten gaan. Er kwam namelijk een begrafenisstoet aan.
Bron
Kooijman, Henk: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988. p. 169
Naam Locatie in Tekst
Hoenkoop   
