Hoofdtekst
Ja, die heb ik zelf gehad, de nachtmerrie. Die komt 's avonds op je strot zitten, dan grijpt die op je strot en die ken je vange met een meelzak. Hij mag niet stele. Ik heb 'm ok een keer gevange. Ik heb 'm gegrepe, een rooie. Hij was zo groot as een geit. Ik kon 'm niet verkope. Een roze huid, prachtig. Hij komt pas na negene op bed. Hij zee geen woord. Hij kwam op je strot zitte en dan hajje 't zo benauwd.
Onderwerp
SINSAG 0797 - Mensch von Mahr beritten; Mahr wird ertappt.   
Beschrijving
Ik heb zelf eens de nachtmerrie gehad. Die komt dan 's avonds op je strot zitten, maar je kan hem vangen met een meelzak. Ik heb hem een keer gevangen, hij was zo groot als een geit. Hij komt pas na negenen op bed en zegt geen woord. Je krijgt het er benauwd van.
Bron
Kooijman, Henk: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988. p. 179
