Beschrijving
(a) Een dominee, (a1) kandidaat-dominee, (b) heeft op verschillende plaatsen, (b1) 3 zondagen achterelkaar in dezelfde kerk, gepreekt over Mattheus 8:14, (c) over Petrus' schoonmoeder, (c1) moeder, (c2) vrouw, die met koort in bed lag. (d) In de week daarop, (d1) na de laatste preek, (e) wordt de klok geluid voor een sterfgeval, (e1) ziet dominee (de kandidaat) een begrafenisstoet. (f) Hij, (f1) een boer, (f2) iemand, vraagt: "Voor wie zou dat kunnen zijn?" (g) De voerman (koetsier), (g1) koster, (g2) ouderling, die hem naar deze diensten heeft moeten rijden, (g2) zijn knecht, (g3) iemand, antwoort: "Dat zal voor Petrus' schoonmoeder, enz., zijn, die was al weken zwaar ziek (e.d.)." (h) Op een keer vraagt de voerman dominee hoe het nu met Petrus' schoonmoeder (vrouw) is.
Subgenre
mop
Literatuur
Briggs 1970 II 156.

