Beschrijving
(a) Een dominee, (a1) lekeprediker, (a2) catechiseermeester, vangt op weg naar de kerk waar hij preken moet een (gewonde) (jonge) ekster en stopt de vogel in zijn binnenzak. (b) In het vuur van zijn preek slaat hij zichzelf op de borst. "O heden, nu heb ik mijn ekster doodgeslagen!"
Subgenre
mop
Literatuur
Wossidlo-Neumann 1963 75, 185.

